|
REMISEROS (16-05-2002)
Een "remis" is volgens het woordenboek
een "huurauto met chauffeur."
In Buenos Aires is het een beter soort taxi,
dat wil zeggen dat een remis wel een taximeter
heeft (doch met een afwijkend tarief), maar
de verplichte uiterlijke kenmerken mist.
Taxi's zijn verplicht zwart met een geel
dak, hebben een "taxi" bordje
op het dak en kunnen overal worden gestopt.
Remises kunnen alleen telefonisch worden
besteld en worden veiliger geacht dan taxi's.
De eerste goede raad die ik van mijn nieuwe
Argentijnse collega's kreeg, was "neem
nooit een zwart-gele taxi, bel altijd een
remis." Op mijn waarom, kreeg ik als
antwoord dat het nemen van een taxi gelijk
stond aan een verzoek vrijwillig te worden
beroofd! Dus reis ik iedere dag naar en
van mijn werk met een remis. De chauffeur
van een remis is een "remisero"
en hij is één van de vele
voorbeelden van wat de gevolgen van de economische
crisis zijn. Omdat het enige papier met
waarde dat hij nog bezat zijn rijbewijs
was, werkt hij nu als remisero.
Nauwelijks hebben we "goede middag"
en "hoe gaat het" uitgewisseld
of de remisero meldt opgewekt "me voy
" dat zoiets betekent als "ik
houd het voor gezien" of "ik ga
er van door." Ik beschouw de gesprekken
met remiseros als nuttige conversatielessen
Spaans en houd het gesprek aan de gang met
een "Waar ga je naar toe?" Hij
gaat naar Israël en vertelt in één
adem door dat dit voor vandaag zijn laatste
rit is omdat hij naar Hebreeuwse les moet.
"Ben je dan geen practiserend Jood?"
vraag ik. Hij begint te lachen "Mijn
naam is Eduardo Marcelo Montini, vind je
dat dat Joods klinkt?" Ik beaam grif
dat het meer Italiaans klinkt dan iets anders.
"Toen ik op de Israëlische ambassade
mijn aanvraag om naar Israël te gaan
kwam indienen, werd er door mijn naam ook
al vreemd opgekeken" vervolgt hij.
Zijn vader was van Italiaanse afkomst en
katholiek, zijn moeder heette Gruenberg
en zijn grootmoeder heette Weismann. Thuis
deden ze niets aan geloven, maar met zijn
joodse moeder en grootmoeder is hij volgens
de Israelische wet automatisch Joods en
heeft recht op het Israelische staatsburgerschap.
Eduardo is niet de enige Argentijn die naar
Israël gaat, want sinds een paar maanden
vertrekt er iedere dinsdag vanuit Buenos
Aires een vliegtuig vol emigranten naar
de Joodse staat. De Israëlische regering
betaalt de overtocht en na aankomst acht
maanden huisvesting in een soort overgangscentrum.
Aanpassing aan de nieuwe omgeving, de andere
cultuur en vooral de taal vormen de belangrijkste
onderdelen van de verplichte dagelijkse
lessen. Volgens Eduardo moet men het na
acht maanden verder zelf maar uitzoeken.
Hij ziet het als een groot avontuur en prima
manier om "aan langdurige werkloosheid
en uit dit klote land te ontsnappen."
Tot mijn verbazing is hij chauffeur van
beroep.
Dit in tegenstelling tot de meeste andere
remiseros die ik inmiddels ken. Roque, die
mij iedere ochtend ophaalt, had 25 jaar
lang een bedrijf dat uniformen maakte van
het type dat door hotelportiers wordt gedragen.
Toen de crises toesloeg, droogden de orders
op en moest hij zijn zaak sluiten. "Alles
weg, mijn auto's, ons buitenhuis, onze buitenlandse
vakanties. Kortom het goede leven dat we
hadden." Hij is noodgedwongen remisero
geworden. "Dit is tenminste eerlijk
werk, ook al betaald het haast niets."
De remiseros hebben geen vast loon, maar
krijgen een percentage van de dagomzet.
In een goede maand maakt Roque 700 Pesos
(zo'n € 200), net genoeg om samen met
zijn vrouw van rond te komen.
Alfredo is een late dertiger en had een
farmacia, een kruising tussen een apotheek
en een drogisterij. "Heb je dan farmacie
gestudeerd?" informeer ik. Nee, hij
heeft een commerciële opleiding, maar
zijn ex-vrouw was farmaceut en de zaak werd
gerund met haar diplomas. Met het slechter
worden van de economie, ging het slechter
met de farmacia en toen het bedrijf moest
sluiten, ging zijn huwelijk ook failliet.
In afwachting van betere tijden is Alfredo
remisero geworden.
Egidio was mede-vennoot van het door zijn
grootvader opgerichte schildersbedrijf,
dat daarnaast ook keukens bouwde. Toen de
bouwaktiviteit begon terug te lopen, bleek
dat de familie dubbel op het verkeerde paard
had gewed. Er werden geen keukens meer verkocht
en de concurrentie in de schilderswereld
was moordend. De familie had wat kleine
onroerend goed projekten voor eigen rekening
opgezet, maar die konden door gebrek aan
geld niet worden afgebouwd. Toen het van
de bank geleende geld niet kon worden terugbetaald,
ging de zaak op de fles en werd Egidio remisero.
Daniel is werktuigbouwkundig ingenieur
en werd overbodig verklaard bij het staalconcern
Techint. "Het schijnt dat het Vaticaan
een grote aandeelhouder is" fluistert
hij me bijna devoot toe als ik wat doorvraag
over het bedrijf. Gelukkig had hij zijn
Italiaanse staatsburgerschap up to date
gehouden en een jaar of tien geleden een
Italiaans paspooort aangevraagd én
gekregen. "Nooit gedacht het nodig
te zullen hebben, maar het komt nu goed
van pas. Het geeft probleemloos toegang
tot de EG-landen". Vlak voordat Daniel
naar Italië wilde vertrekken, werden
de spaartegoeden van de Argentijnen geblokkeerd,
waardoor hij zijn huis nog steeds niet heeft
kunnen verkopen. De opbrengst moet het startkapitaal
gaan vormen voor een nieuw leven in Italië
voor hem en zijn gezin. In afwachting van
dit nieuwe leven, leidt hij een ander, zij
het ongewenst, nieuw leven, dat van remisero.
"Het is beter dan thuis zitten afwachten"
zegt hij gelaten voordat we met een "suerte
- het ga je goed" afscheid nemen.
|