|
BURENRUZIE (19-06-2002)
Argentinië en Uruguay zijn van oudsher
nauw met elkaar verbonden buurlanden. Toen
de Spanjaarden de dienst uitmaakten in dit
deel van de wereld, vormden de landen samen
de kolonie "Río de la Plata"
(Rivier van het Zilver), die vanuit Buenos
Aires door een echte onderkoning werd bestuurd.
Gedurende de Napoleontische tijd, met de
Spaanse koning Ferdinand II in de gevangenis
en met de Fransen die in Spanje aan de touwtjes
trokken, kwamen de burgers van Buenos Aires
in opstand tegen de koloniale overheersing.
Tijdens de revolutie van mei 1810 werd de
onderkoning afgezet en werd de eerste stap
op weg naar de onafhankelijkheid van de
"Provincias del Río de la Plata"
gezet. De formele erkenning van de onafhankelijkheid
zou zes jaar later volgen.
Aan de overkant van de rivier, in de Banda
Oriental oftewel op de Oostoever, zoals
Uruguay toen nog heette, werden de Spanjaarden
in 1811 buiten de deur gezet. De Argentijnen
beschouwden de Banda Oriental als een vanzelfsprekend
onderdeel van hun nieuwe natie, maar de
Portugezen vonden het net zo vanzelfsprekend
dat het een Braziliaanse provincie moest
worden. En met de Banda Oriental als inzet
werd er tussen 1825 en 1828 een Braziliaans
- Argentijnse oorlog uitgevochten. Uiteindelijk
werd na Engelse bemiddeling in 1828 de onafhankelijke
Orientaalse Republiek Uruguay uitgeroepen.
Vaak krijg ik de indruk dat het veel kleinere
Uruguay door veel Argentijnen nog steeds
eerder als een Argentijnse provincie wordt
beschouwd, dan als een souvereine staat.
Beide landen hebben veel gemeen. De vlag
is bijna hetzelfde, ze spreken Spaans met
hetzelfde accent en hebben dezelfde grote
voorliefde voor de "asado" de
uitgebreide barbecue. Argentijnen stouwen
zoveel mogelijk geld weg op bankrekeningen
in Uruguay en gaan op vakantie in de mondaine
badplaats Punta del Este. Omgekeerd hebben
veel Uruguayos kleine baantjes in Argentinië.
De economie van Uruguay is erg afhankelijk
van de Argentijnse, met als gevolg dat de
crises in Argentinië een negatieve
invloed heeft op het welzijn aan de andere
kant van de rivier. En zo ontstond er begin
deze maand een in mijn ogen leuke burenruzie.
Jorge Battle, de President van Uruguay,
wordt geïnterviewed door journalisten
van de financiële nieuwszender Bloomberg.
Eerst in het Engels en daarna nog een keer,
nu in het Spaans. Het eerste vraaggesprek
is klaar en de President, in hemdsmouwen
achter zijn buro, ontspant zichtbaar. Wat
hij zich duidelijk niet realiseert is dat
de camera doorloopt. In de aanloop naar
het tweede gesprek vergelijkt iemand buiten
beeld de situatie in Uruguay met die in
Argentinië. De President is behoorlijk
in zijn kuif gepikt. Hij begint zich op
te winden en met zijn vuist op zijn buro
te slaan. "Hoe durft u Uruguay met
Argentinië te vergelijken, bent u soms
achterlijk?" schreeuwt hij tegen de
vraagsteller "weet u wel wat er aan
de hand is in Argentinië, het is daar
van hoog tot laag één grote
corrupte bende! Als de politici eens een
paar jaar op zouden houden met te jatten,
dan zou de crisis zo achter de rug zijn!"
Maar daarmee is het nog niet gedaan, want
ook collega President Duhalde krijgt een
veeg uit de pan. "Met Duhalde kan je
geen kant op" briest hij, de microfoon
haast omverslaand "Duhalde heeft absoluut
geen politieke macht en heeft geen enkel
benul van hoe de problemen moeten worden
opgelost!"
Prachtige televisie vind ik het. Hetzelfde
fragment wordt die avond vele malen herhaald,
de Argentijnen zijn diep beledigd en de
vriendschap tussen beide landen lijkt een
flinke deuk op te gaan lopen. Haastig verklaart
President Battle, dat hij inderdaad heeft
gezegd wat hij heeft gezegd, maar dat het
"off the record" was gezegd, dus
eigenlijk niet is gezegd. Hij kondigt aan
de volgende dag de rivier over te zullen
steken om persoonlijk uitleg te gaan geven
aan President Duhalde.
De stem des volks, bij monde van mijn vaste
taxichauffeur Roque, vindt dat van wat Battle
heeft gezegd geen woord is gelogen. "Het
is het alleen jammer dat de President van
een bevriend land dit heeft gezegd en niet
een van onze eigen politici. Er is er zelfs
niet één die het voor de President
heeft opgenomen of de moed heeft gehad het
te ontkennen!" En, zo besluit hij "dat
had trouwens toch geen zin gehad, want hij
zou door iederen worden uitgelachen of voor
leugenaar worden uitgemaakt:"
De ontmoeting tussen beide Presidenten
wordt direkt op de televisie uitgezonden
en levert voor de tweede achtereenvolgende
dag mooie beelden op. De twee mannen zitten
wat ongemakkelijk naast elkaar met het gezicht
naar de camera's. Duhalde, met strak gezicht,
in de rol van strenge biechtvader, Battle
in de rol van schuldbewuste zondaar. Hij
begint zijn biecht met te vertellen hoe
hij als jongen onder armoedige omstandigheden
bij de familie van zijn Argentijnse moeder
in de wijk Belgrano heeft gewoond en hoe
liefdevol hij daar altijd is behandeld.
Als hij eenmaal goed warm is gedraaid, is
de Latijnse spraakwaterval nauwelijks meer
te stoppen. "Ja, ik heb een ernstige
fout gemaakt en ik vraag u, meneer de President,
en het Argentijnse volk mij te vergeven"
waarbij hij de tranen uit zijn ogen veegt.
Duhalde verblikt of verbloost niet, hij
speelt zijn rol van biechtvader met verve
en laat Battle nogmaals excuses maken en
nog eens een keer. Tenslotte wordt de absolutie
verleend. Kort en krachtig accepteert President
Duhalde de verontschuldigingen van Battle
"namens het hele Argentijnse volk"
en verklaart dat wat hem betreft de zaak
is afgedaan. De burenruzie is voorbij voordat
ie goed en wel is begonnen en het televisienieuws
is jammer genoeg weer net zo saai en voorspelbaar
als een paar dagen geleden.
|