Deze week maar één foto>>>>

KAVEL 559 (13-10-2002)

Zondagochtend, koffietijd. Mijn geliefde is naar de kerk. Mijn rituele gang is naar de confitería om de hoek om koffie te drinken en om de zondagskranten te lezen. In La Nación valt mijn oog op een foto van een kleurig schilderij van Quinquela Martin. Het is de illustratie in een advertentie waarmee een Venduhuis bij ons in de buurt de aanstaande veiling aankondigt. Ik noteer de website van het Hotel de Ventas, zoals een vendushuis in Buenos Aires zo mooi heet, weer terug thuis surf ik er naar toe. Op de goed verzorgde site staat veel van de te veilen kunst afgebeeld. Al bladerend kom ik de volgende annonce tegen:

Hoe bestaat het, in de straat achter ons huis zijn Rotterdamse molens te koop! Gelijktijdig veel vragen. Wie was Lebourg? Hoe komt zo'n litho in Buenos Aires terecht? Wat moet er worden gedaan om de molens te kopen? Want daarover bestaat geen enkele twijfel "de Molens" van Lebourg moeten terug naar Rotterdam!

Over Albert Lebourg vind ik via het internet het een en ander uit. Fransman. afkomstig uit Normandië. Impressionist, een "kleine meester" die tussen 1895 en 1897 regelmatig in Nederland verbleef en bevriend was met Jongkind. Schilderde toen veel in de omgeving van Rotterdam. Dat klopt allemaal vrij aardig. Volgens het venduhuis werd de litho in 1897 in "Arts et Nature" afgedrukt

De volgende zondagochtend ga ik voor het koffie drinken naar de kijkdag van de veiling. De molens zien er goed uit, maar er zijn meer interessante kavels in de aanbieding. Een aantal etsen van Quinquela Martin en schilderijen van José Luis Menghi, beiden behorend tot de School van La Boca. Ik maak een lijstje. Omdat ik niet geloof dat het "achterlaten van een bod bij het venduhuis" voldoende zekerheid geeft dat de aankoop zal slagen, bereid ik me voor om bij de veiling, die over drie middagen is gespreid, aanwezig te zijn. Het is wat schipperen op mijn werk, maar het lukt.

Op woensdag bied ik even mee op een stilleven van Menghi en een ets van Quinquela Martin.Vang bot, maar heb wel plezier. Er worden een aantal schilderijen van Koekkoek geveild en ik weet niet wat ik hoor als de veilingmeester het eerste doek aankondigt "ko-ék - ko-ék." Het klinkt als "kwek kwek" zo wordt deze Nederlandse naam dus op zijn Argentijns uitgesproken. Op donderdag gaat het beter. Ik koop een in mijn ogen prachtige ets van Quinquela Martin, ruim boven de geschatte prijs, doch zeer de moeite waard. Vrijdag is dé dag. Kavel 559, de negende die wordt geveild, is "Moulins sur la Schie." Aan de vooravond van een lang weekeinde zijn er weinig mensen in de zaal, toch zijn er voor Lebourg nog twee andere gegadigden. Het bieden begint op 50 Pesos en gaat eerst met 50, daarna met 10 Pesos omhoog. Bij 150 Pesos haakt de eerste tegenbieder af, op mijn bod van 220 Pesos volgt geen tegenbod meer. Voor ongeveer 75 Euros krijgen "de molens" een Nederlandse eigenaar.

Hoe de litho in Argentinië is terecht gekomen, zullen we waarschijnlijk nooit te weten komen. Iedere twijfel over hoe "Moulins sur la Schie" vervolgens weer in Rotterdam opdook, wordt bij deze uitgesloten.


© Jacques de Rhoter


© foto Jacques de Rhoter

Printversie