|
HALVE SANDWICHMANNEN (25-04-2003)
Bestaat de sandwichman nog? De man die,
als een dubbele boterham met beleg ertussen,
met een reclamebord op zijn buik en rug
door de stad loopt? Ik meen me te herinneren
dat er in Rotterdam vroeger een op stelten
rondliep die was uitgedost als Uncle Sam.
In een felblauw pak en een idem hoge hoed
met de stars and stripes erop maakte hij
reclame voor het American Import House.
In Londen, in Oxford Street, liepen er ook
altijd wel een paar sandwichmannen. Ik was
aangenaam verrast toen ik rond lunchtijd
in het centrum van Buenos Aires halve sandwichmannen
tegenkwam, die kende ik nog niet..
Op doordeweekse dagen loop ik haast nooit
door de stad. Vroeg op de dag, toen het
nog schemerde, had ik iets gezien dat hoe
dan ook moest worden gefotografeerd. Omdat
het herfst is in Buenos Aires en het 's
avonds al weer vroeg donker wordt, moesten
de foto's op de dag worden gemaakt. Als
ik terug wandel naar mijn kantoor, ontdek
ik wat nieuws. In Rio de Janeiro had ik
al eens zoiets gezien, tijdens een verkiezingscampagne.
Mensen, die zodra het verkeerslicht op rood
sprong, het zebrapad opstapten en een spandoek
ontrolden met de naam van hun kandidaat
erop. Niet minder origineel waren de jongens
en meisjes die 's ochtends al voor dag en
dauw in Copacabana, langs de drukke route
naar het centrum, met vlaggen stonden te
wapperen waarop de foto of de naam van hun
kandidaat prijkte. Zonder uitzondering straalden
deze moderne vendelzwaaiers verveling uit.
Als je geen geld hebt, schijn je wel bereid
te zijn om de lulligste karweitjes op te
knappen, bezieling is echter zelden bij
de prijs inbegrepen.
Hetzelfde gaat tegenwoordig op in het ooit
"rijke" Buenos Aires. Zo zijn
er "cafeteros" mannen en vrouwen
die met een veredeld steekwagentje door
de stad banjeren. Het wagentje heeft meestal
twee schapjes. Op het bovenste staan een
stuk of tien thermosflessen met koffie,
chocolademelk en heet water. Voor 50 centavos
pak je langs de straat snel even een plastic
bekertje warme drank. Op de lagere schapjes
staan de reserve thermosflessen. Meer ondernemende
cafeteros hebben er een doos met sandwiches
op staan of in de zomer een koelbox met
blikjes frisdrank. De "maníneros,"
mannen die in de openlucht gesuikerde pinda's
bereiden en verkopen, werken met een technisch
geavanceerder karretje. Er is een soort
keukenkastje op gebouwd waarin een gasfles
met een kookpit zit. Bovenop het kastje
is een ruimte uitgespaard die groot genoeg
is voor een flinke koperen wok. Daarin wordt
de suiker gesmolten waarmee de pinda's "klaar
terwijl u wacht" van een krokant zoet
laagje worden voorzien.
Over de mannen en vrouwen die in de drukke
winkelstraat bij ons om de hoek toeristen
een winkel proberen in te praten "ledder
sjeket, ledder fektorie" of de mannen
die bij de bioscopen in de Calle Lavalle
filmliefhebbers naar binnen proberen te
schreeuwen of de jongens en meisjes die
niets anders doen dan de hele dag folders
aan voorbijgangers uitdelen, heb ik het
dan niet eens. Ook niet over de vele schoenpoetsers,
de illegale geldwisselaars "cambio
dólar, pago más!" of
de talloze straatmuzikanten. Of de meisjes
die, dag in dag uit in de felle zon of de
koude regen, klanten parkeergarages in proberen
te wuiven. Of de meisjes die alle dagen
van de week klanten het internetcafé
binnen moeten lokken. En al helemaal niet
over de in de ware zin van het woord ambulante
verkopers, die het openbaar vervoer een
stuk minder saai maken. In de stadsbussen
of in de ondergrondse wordt van alles en
nog wat te koop aangeboden. Vorige week
bijvoorbeeld: tijdschriften, nagelknippers,
sokken, boeken, chocoladerepen, en naaisetjes.
En nu hebben een paar slimme jongens uit
Buenos Aires de halve sandwichman bedacht.
Hij is de verbeterde versie van de spandoekjongen
uit Rio. Hij is een tot leven gewekte reclamezuil
en waarschijnlijk een heel stuk goedkoper
dan de "vaste" reclamezuilen van
de gemeente.
Het viel me op dat er een groepje jonge
mannen bij de verkeerslichten rondhing.
Hun hangplek? Lichtblauwe helm op en gekleed
in een shirtje van het Argentijnse voetbalelftal.
Toen het licht voor het wegverkeer op rood
ging, klonk er een fluitsignaal. De jongens
pakten een groot bord op en stelden zich
over de volle breedte van de avenida op.
De voorkant van de borden was uiteraard
naar de wachtende automobilisten gedraaid.
Op een volgend fluitsignaal tilden ze gelijktijdig
de borden tot borsthoogte op. Op de borden
bij het ene kruispunt stond reclame voor
de paardenrennen in Palermo en op een ander
kruispunt reclame voor een niet al te serieus
weekblad. Toen het voetgangerslicht begon
te knipperen, weer een fluitsignaal, borden
naar beneden en allemaal terug naar het
trottoir. En daarna weer van voren af aan.
In Nederland maakte armoede ooit rauwe bonen
zoet. Om in april 2003 in Argentinië
de ergste honger stillen, heb je dus al
genoeg aan een halve sandwichman.
|