OUDE VRIENDSCHAP ROEST NIET . 1 (12012006) - gastbijdrage van Louis Damen Thuisgekomen en alles is nog steeds niet op orde. Deze herfst, toen het in Argentinië voorjaar werd, maakte ik de reis van mijn leven met oude vriend Jacques. Achteraf bezien had het allemaal best langer mogen duren. Zoals gebruikelijk zagen we elkaar na lange tijd, doch voor het eerst in Buenos Aires. De lente manifesteerde zich met een paar zonnige dagen en dan staan de jacaranda’s meteen uitbundige in bloei. Vanaf het balkon van mijn logeeradres, lag er een blauwviolette gloed over het park van de Plaza San Martín. Kennis maken met BA is je thuis voelen zoals in Parijs en tegelijk voelen dat er een andere cultuur heerst. Er is zeker nog sprake van een koloniale sfeer waardoor er iets behoudends van de stad uitgaat. Maar het is ook een “je meteen thuis voelen stad.” Mijn gastheer doet er alles aan om mij na en reis van ongeveer 22 uur onmiddellijk het tangogevoel te geven. We drinken koffie en genieten van tangomuziek op de achtergrond. Na een opfrisbeurt wordt de buurt verkend. J. woont om de hoek van Florída, de grootste winkelstraat van BA. Je komt meteen in de sfeer en gaat er in onder. We lunchen bij een restaurant waar J. bekend is, nadat hij door de dames van de bediening is gekust, mogen we aan tafel. Het is er erg druk tijdens het lunch uur. De reis die we zullen gaan maken, is voor mij nog een totale verrassing. Pas later op de dag bespreken we de volgende stappen. Na nog een dag van Buenos Aires verkennen, vliegen we naar Salta. Pas als we er zijn, realiseer ik me de afstand die we hebben afgelegd en de verandering in het landschap. Salta straalt een heel andere sfeer uit dan BA. We hebben een aardig hotel midden in het oude centrum. Het inchecken neemt wat tijd door een groep onhandige Fransozen, maar J. doorbreek het chaotische inchecken door zich als een landsman te gedragen. De volgende dag vertrekken we vol goede moed voor onze rondreis van ruim 500 kilometer. Aanvankelijk rijden we door een soort voorstedelijk gebied dat al snel dunner bevolkt raakt. Na ongeveer dertig kilometer houdt het asfalt op en belanden we in een wegwerk. We denken dat het grind en stof weldra over zal zijn, maar na tien kilometer weten we dat de weg gewoon zo is. We reizen die dag door een waanzinnig eenzaam, maar verschrikkelijk mooi landschap, als je tenminste van een beetje woestijn houdt. Geheel verstoft maar voldaan komen we aan het eind van de middag aan in Cachi. Gelukkig had ik J. die ochtend weten te overtuigen om niet nog een extra lus naar het noorden erbij te nemen. Dat zou ons vele uren meer autorijden hebben opgeleverd. We frissen ons op en verkennen het kleine stadje. Wat opvalt is natuurlijk de rust en het trage tempo hier in the middle of nowhere. We genieten ieder op ons eigen manier. De volgende dag vertrekken we in aangepast tempo via de Ruta 40 naar Molinos. Dit is een weg die dezelfde, zo niet een sterkere, aantrekkingskracht heeft als de legendarische Route 66 in de VS. Eenmaal in Molinos mogen we een puzzel oplossen om op het wijnbouwlandgoed Colomé van de Zwitserse familie Hess te belanden. Dit landgoed is goed verstopt. Het duurt wel 40 km alvorens wij het bereiken. De ontvangst is persoonlijk en hartelijk. Later zal pas blijken dat het hele bedrijf wordt gerund door Ursula Hess die onder een Steineriaanse vlag vaart. Het is niet zomaar een hotel of posada. Onze kamer is gerieflijk en voorzien van open haard, granieten badkamer en groot eigen balkon. We maken een rondrit over het landgoed en leren zo wat de plannen zijn van de Hessen. Zij willen de wijnproductie opvoeren tot meerdere malen de huidige productie. Daar is ook op gebouwd, de gistingscontainers zijn ruim berekend. De gaarde ligt op ruim 2.000 meter hoogte en is daarmee een van de hoogst gelegen wijngaarden ter wereld. De wijn die we ’s avonds drinken is ronduit goddelijk en de kleur kleeft aan het glas als siroop. Dit komt door het extreem hoge UV gehalte op deze hoogte. Na de dis vertoeven we nog wat op het terras en lummelen nog wat na bij het door J aangestoken haardvuur. Niet in de sfeer van we hebben er voor betaald, maar omdat het in die waanzinnige stilte en rust een welkome verstrooiing was. We vallen in slaap bij het knisperende vuur en snurken als de besten. Het ontbijt genieten we met zijn tweeën want de enige andere gasten, twee Zwitserse dames, zijn later opgestaan. Een lokale indiaanse slaat ons voortdurend gade om te voorkomen dat we iets te kort zouden komen. Al het personeel wordt in een bijgebouw en wordt mede door Ursula Hess opgeleid. Met een gevoel van “dit was veel te kort” vertrekken we. Na een intermezzo in Cafayate dat niet veel om het lijf had, vertrekken we tijdig richting Salta om daar het vliegtuig terug naar BA te nemen. Onze Discovery gids spreekt van een snelle geasfalteerde route via Ruta 68 en verklapt dat elke bocht in de weg een verrassing inhoudt. Dat hebben we geweten. Nauwelijks onderweg komen we in een landschap terecht van steeds vreemder gevormde geërodeerde zandsteen. Soms denk je dat je op een vergelegen stad afrijdt, om dichterbij tot de ontdekking te komen dat het een uit zandsteen gevormde stad is. We besluiten na enige fotosessies om minstens 5 minuten aan een stuk door te rijden. We doen onszelf daarmee te kort omdat na elke minuut het landschap dusdanig betoverend anders is dat er gewoonweg een foto moet worden genomen. Na onszelf die beperking te hebben opgelegd, rijden wij verder om toch maar vooral op tijd de auto af te leveren en onze vlucht te halen. We bereiken de luchthaven niet al te tijdig en worden nog even getild voor een veronderstelde deuk in de bumper van de huurauto. Terug in Buenos Aires praten we ´s avonds lang na over onze ervaringen. wordt vervolgd |