|
MIAMI, KABOEL, FLORENCE (27082006) Het jonge echtpaar met kind dat de horde van de paspoortcontrole in Miami al heeft genomen, is bij de waakzame douanebeambte alsnog de pineut. De voordeur van de Verenigde Staten wordt goed bewaakt door Officer Correa. “Wat komen jullie hier doen?” vraagt hij bars. Het echtpaar met kind legt uit dat ze een korte vakantie in Florida willen doorbrengen. Mijn kinderen wilden ook graag naar Disneyland en de andere pretparken in Florida toen ze net zo oud waren als hun kind. “Wat is jullie nationaliteit?” Ook tot mijn verassing - waarom eigenlijk? – blijken ze een Duits paspoort te hebben. Met een uitdrukking op zijn gezicht van “maak dat de kat wijs” staat hij erop hun reisdocumenten te inspecteren. Het zijn inderdaad Duitse paspoorten. Officer Correa, bekijkt ze, vertrouwt het niet en vertelt het echtpaar met kind de rode stippen te volgen. Dat betekent dat hun koffers overhoop gehaald gaan worden. Het echtpaar met kind dwaalt, al dan niet bewust, af naar de groene stippen, riichting uitgang. Officer Correa springt op en gaat er achteraan. Als hij het varkentje heeft gewassen, meldt hij met een kleur van opwinding op zijn wangen aan een collega dat het wel eens gevaarlijke individuen zouden kunnen zijn. “Zeggen dat ze Duitsers zijn, maar ze zijn in Kaboel geboren!” Met zijn snelle actie heeft hij zijn vaderland vast en zeker voor een ramp behoed. Chapeau! Mijn beurt. “U komt uit Santo Domingo en resideert in Argentina” leest Officer Corea hardop voor van mijn “niets aan te geven” formulier. Mijn Nederlandse paspoort en mijn geboorteplaats Nijmegen, vindt hij niets bijzonders. “Heb je al je bagage?” Vraagt hij in het Spaans. “Mi mochila, nada más – alleen mijn rugzak.” Hij wenst mij “suerte – het ga je goed” toe. Ik ben zowaar in één keer geslaagd voor mijn toelatingsexamen voor de Verenigde Staten. Latino’s maken het een quasi-Latino uit Nederland een stuk minder moeilijk dan Duitsers die per ongeluk in Kaboel zijn geboren. “Je hebt errug slechte informatie gekregen” meldt het ADHD type in korte broek die de taxistandplaats buiten de aankomsthal bestiert als ik hem mijn bestemming opgeef. Een verdieping hoger, kan ik een gratis bus naar het hotel nemen. “I k b e s p a a r j e m o o i e f f e 3 7 d o l l a r !!” wordt me met een stralend gezicht toegeschreeuwd. “Next!” Vele courtesy bussen komen en gaan, maar de bus naar mijn hotel, ho maar. Na een half uur “het busje komt zo” tegen mezelf te hebben volgehouden, besluit ik dat mijn tijd veel meer waard is dan 75 dollar per uur en neem alsnog een taxi. Op de radio wordt Frans gesproken, de chauffeur komt uit Haïti. Met hem kan ik in zijn moedertaal kletsen over zijn vaderland dat ik zo graag zou willen bezoeken. Het wordt me, net zoals in Santo Domingo, sterk afgeraden. Veel te gevaarlijk. Datzelfde lees ik regelmatig in de krant. Kidnappen van mensen die eruit zien alsof ze wel wat poen kunnen missen, is een geliefd tijdverblijf aan de andere kant van de grens. Een paar weken geleden nog was een collega de sigaar. De uitvoering van mijn plan om de Haïtiaanse voodoo van dichtbij te leren kennen, is voor onbepaalde tijd uitgesteld. Eenmaal in de hotelkamer slaat de schrik me licht om het hart als ik in de klerenkast een papiertje met de prijs ontdek. “ MAXIMUM PRIJS VAN MEI 06 TOT MEI 07 $ 649.” Hoewel mijn werkgever de rekening betaalt, vind ik dit toch iets te veel van het goede. Gelukkig bevestigt een Argentijnse collega dat onze “corporate rate” slechts $ 89 bedraagt. Geld genoeg over om samen met haar in Miami Beach in “Novecento” te gaan eten, een filiaal van het gelijknamige restaurant in de wijk Cañitas van Buenos Aires. Het wordt heimweevoedsel: empanadas vooraf, hoofdschotel – lomo, Quilmes bier, pannekoejes gevuld met dulce de leche als toetje en een cortado of twee tot slot. Deze maaltijd en het charmante roodharige gezelschap verzoeten de arbeid weer voor een dag of wat. “Have you been puffed?” informeert de beambte van de beveiliging op het vliegveld de volgende dag. Het is weer eens zover. De computer van American Airlines beschouwt me voor de zoveelste keer als een potentiële terrorist door “SSSS” op mijn instapkaart af te drukken. De machine die schijnt te kunnen detecteren of ik gevaarlijke stoffen op mijn lichaam heb gekleefd of in mijn lichaamsholten heb verborgen, maakt een puffend geluid als het een vloeistof de onderzoekscabine inspuit, vandaar. Reizen blijft leuk, doch het op reis gaan wordt na de ontdekking van elk nieuw vermeend complot weer wat minder aangenaam. Gelaten onderga ik de visitatie, maar gluur later jaloers naar een meevliegende stand-by stewardess die wel yoghurt en drank en tandpaste mee aan boord heeft mogen nemen. De in spijkerbroek en t-shirt geklede gladgeschoren jongens, die tot vlak voor de start telefoongesprekken in het Arabisch voeren, wekken evenmin achterdocht en mogen gewoon mee. Hoewel volgens persberichten, op dezelfde dag zeven andere vluchten een noodlanding maakten of vertraging opliepen om een of andere triviale veiligheidsreden. Wie gaat er nu een aanslag plegen op de route Miami – Santo Domingo? Niemand toch? Tegen het einde van de vlucht is er tot mijn genoegen toch nog wat echt gevaar. Door een zware onweersbui kan het vliegtuig niet landen. We vliegen rondjes om de bui heen totdat het risico van een blikseminslag in het toestel is geweken. De tropische storm Ernesto kondigt zich aan. Het echte noodweer begint pas 24 uur later. Op het balkon van mijn appartement, met uitzicht over de Caraïbische Zee, zit ik op de eerste rang. Zaterdagmorgen is nog zonnig, na het middaguur wordt de lucht snel donkerder, om een uur of twee begint het te regenen. Vrijwel zonder ophouden regent en onweert het tot zondagnacht, wonderlijk genoeg staat er erg weinig wind. Tijdens een heel zware onweersbui slaat de bliksem zo hard in, dat de ramen van mijn huis trillen en het alarm van vrijwel alle auto’s in de buurt gelijktijdig afgaat. Helaas trekt de storm te ver uit de kust voorbij om mij de zo gewenste “orkaanervaring” te bezorgen. Het wachten is op de geboorte “Florence” zoals de volgende tropische storm of orkaan zal worden gedoopt. |