|
KAAPSE KRONIEK - 22 (09021008) Zaterdag, 12 januari 2008. Een oud collega die mij regelmatig op de hoogte houdt van wat er zoal in het vaderland voorvalt, vestigt de aandacht op de commotie over de “roof van de ABN-AMRO kunstcollectie”. Gelukkig maar, dat is iets dat met echt interesseert. Lang geleden liep ik graag binnen in het voormalige hoofdkantoor van de Rotterdamsche Bank aan de Coolsingel om de kleine exposities te bekijken van beeldend kunstenaars van wie de bank werk had aangekocht. Het werk van Hans Wap, zo herinner ik me, leerde ik daar kennen. Die collectie werd door Rijkman Groenink dus net voor de verkoop van de bank slinks weggesluist naar een stichting waarvan hij de voorzitter is. Als het over het wegsluizen van wat dan ook gaat, kun je op deze doorgewinterde bankier rekenen. Het beoefenen van je liefhebberij op kosten van de baas is hem nooit vreemd geweest, zo blijkt uit een artikel in de NRC. Het verbaast me allerminst. Na meer dan de helft van mijn leven bij een bedrijf te hebben gewerkt dat vele malen groter was en is dan ABN-Amro – als om financiële garanties werd gevraagd, reageerden wij arrogant “en welke bank wilt u dat we voor u kopen?” – ken ik dat soort types en hun dames van zeer nabij. Het schilderij “The Girlfriend“ van de in Nederland wonende Zuid-Afrikaanse beeldend kunstenares Marlene Dumas komt uitgebreid en op bijzondere wijze in beeld, tot en met in de werkkamer van dezelfde Rijkman Groenink. Toevallig valt de berichtgeving samen met de eerste overzichtstentoonstelling van haar werk in Kaapstad. Je moet stevig in je schoenen staan om “Intimate relations” zoals de expositie is gedoopt, te gaan zien en je moet er wat moeite voor doen. Dat wil zeggen, je niet laten afschrikken door de allerbellabertste “kunst” in de zalen van het Suid-Afrikaanse Nasionale Kunsmuseum die moeten worden doorkruist voordat het werk van Marlene Dumas wordt bereikt. De eerste zaal is een verzameling van rijp en groen van alles niets, de volgende zaal bewijst dat het nog erger kan. Een bijeengeraapt zooitje, anders kan ik het niet beschrijven. Een onsamenhangende verzameling van oerconservatieve, klassiek aandoende werken zonder enige kwaliteit, het doet pijn aan mijn ogen. Daarna het voorportaal van, tja van wat eigenlijk. Twee zaaltjes en een grote zaal met uitsluitend Marlene Dumas. Sensueel, seksueel geladen, provocerend, morbide, portretten, de grote meerderheid zijn portretten, veel uitdagend bloot. Schilderijen, litho’s, gemengde technieken. Ietwat schokkend in een land waar bloot in het openbaar min of meer uit den boze is en waar de satelliettelevisie iedere mogelijke vloek of verwijzing naar “God” en aanverwante zaken of de meest vage seksuele duiding wegpiept. Af en toe wordt er zoveel gesproken woord onderdrukt, dat ik het opgeef om verder te kijken. Marlene Dumas verklaarde in een vraaggesprek met het dagblad “Die Burger” dat als ze niet naar Nederland was gegaan én gebleven haar werk er heel anders zou hebben uitgezien omdat “naakt” in Zuid-Afrika eigenlijk niet kan. Dumas werkt naar naar foto’s, illustraties uit tijdschriften en beelden uit filmarchieven. In “Miss Interpreted” een documentaire over haar werk, vertelt Dumas “Ik handel in tweedehands beelden en eerstehands ervaringen”. Daar kan ik me veel bij voorstellen. Een bevriende schilderes, die enige jaren geleden in mijn appartement in Buenos Aires een paar keer een tijdelijk atelier inrichtte, deed namelijk precies hetzelfde. Een volgelinge vraag ik me nu af? Toch eens aan haar vragen. Zij gebruikt eveneens afbeeldingen uit boeken en tijdschriften of foto’s als basis voor haar werk en werkt, net als Dumas, in hoog tempo. En zo lag er ’s avonds bij thuiskomst opeens een mooi portretje van mijn moeder en mijzelf, dat was gemaakt op basis van de weinige oude foto’s die ik heb en haar een dag eerder had laten zien. Hoge veilingprijzen – the Teacher werd in 2002 voor $3,3m geveild – hebben Marlene Dumas inmiddels tot de duurste in leven zijnde schilderes gemaakt, hoewel ze uiteraard geen cent van de opbrengst ving. “Schat, moet jij elke dag langs die hoer lopen?” zou de echtgenote van een ABN-Amrobons met bekakte stem aan haar echtgenoot hebben gevraagd, toen ze in 1988 bij de opening van het nieuwe hoofdkantoor “The Girlfriend” in een gang vlakbij het kantoor van haar ega zag hangen. Waarop het prompt elders werd gehangen en op die plek met een balpen werd verminkt. Uiteindelijk zou het in het volgende nieuwe hoofdkantoor in de kamer van Rijkman Groenink belanden. Geen slechte keuze, zelf zou ik er allerminst bezwaar tegen hebben om met zo’n vriendin te worden opgezadeld. Wat je ook van de man mag denken, smaak heeft ie wel. Een serie van vier blote babies met gespreide beentjes, zodat het geslacht goed te bepalen is, hangt vol in het zicht aan de rechtermuur van de grote zaal. Een klein pikkie en drie kleine kutjes. Er tegenover hangen drie zeer expressieve in felle kleuren uitgevoerde vrouwenportretten “Genetische Heimwee” – intrigerende titel die ik nog steeds probeer te begrijpen-, “Martha – Sigmund’s Wife” en “Het Kwaad is Banaal” dat, zo weet ik bijna zeker, het zelfportret van een jeugdige Dumas is. Aan de verre korte zijde het grote doek “Snow White and the Broken Arm”, een opgebaarde naakte Sneeuwwitje – gebroken arm met digitale camera hangt ontspannen over de rand van de kist - met Zeven Dwergen die als volleerde voyeurtjes over de deksel van de doodskist het lichaam van deze schone slaapster bewonderen. Het doet me sterk aan de anatomische les denken. In de kleine donkere zaal aan de andere kant hangt een grote collage van geaquarelleerde portretten, waartussen een portret van een penis en een vagina hangen in plaats van een gezicht. Het observeren van de reacties van sommige bezoekers als ze dit ontdekken is werkelijk amusant. Van geschokt tot geamuseerde erkenning dat dit een uitdaging richting bezoekers is. Vast en zeker zoals Marlene Dumas het heeft bedoeld. wordt vervolgd |