GAUCHITO GIL - 3 (02032009)

Het drukst bezochte altaar staat vlak achter de brievenbus naar de hemel. Daar staat een houten beeld van Gaucho Gil van een meter of zo. Even over zijn hoofd wrijven, dat brengt geluk. Met als resultaat een verveloze plek op zijn hoofd. Achter hem staat een tafel met dankbetuigingen en geschenken, daar weer achter kunnen kaarsen worden gebrand en nemen de pelgrims de gelegenheid om op hun gemak en volledig geconcentreerd kort met het hiernamaals te communiceren en hun verzoeken – bestellingen denk ik even oneerbiedig - door te geven. In de marktkramen op het terrein staan hele regimenten Gaucho Gils keurig in het gelid. Bij wie je zo’n aandenken koopt maakt weinig uit, de prijzen zijn opvallend hetzelfde. Aan de achterkant van het terrein staat een hooggelegen podium met een levensgrote Gil. Om de beurt de trap op om een foto met Gil te maken is een must. Er is een politiepost en een kampeerterrein, beide liggen er verlaten bij. Nog een laatste rondje langs de beeldjes, de beelden, de rode linten, de rode kaarsen, de muren met dankbetuigingen en nummerplaten, de prevelende pelgrims, de altaren. Dat was dan het bezoek aan een van de belangrijkste Argentijnse centra van – naar keuze – volksgeloof of bijgeloof. Voer voor antropologen, dat is zeker.

We rijden door Mesopotamië. Nee niet het klassieke Mesopotamië tussen de Eufraat en de Tigris in het Midden-Oosten, maar het Argentijnse Mesopotamië tussen de rivieren de Paraná en de Uruguay. Het is inderdaad net zo zeer een tweestromenland, doch bij lange na niet zo belangrijk voor de ontwikkeling van wetenschap, technologie en cultuur als het klassieke Assyrië. Hoewel het hier gelukkig stukken rustiger is dan in wat nu Irak heet. Het Argentijnse Mesopotamia bestaat uit de provincies Corrientes, Missiones en Entre Rios dat twee en een half keer zo groot is als de Benelux! We nemen een alternatieve route terug naar Buenos Aires. Van Mercedes via Goya en parallel met de rivier de Paraná naar de stad Paraná, de hoofdstad van de provincie Entre Rios. Dat zijn 530 kilometers. Aanvankelijk veel commerciële bosbouw, voornamelijk naaldhout. Het kan haast niet anders dat er de nodige – schone? - papierpulpfabrieken aan de Argentijnse zijde van de grens moeten zijn. Midden op een veel te grote rotonde aan de buitenkant van Goya staat een wanstaltig monument. Ik kan niet anders dan uit de auto stappen om het van dichterbij te bekijken. De contouren van een kerk worden verbeeld door vier betonnen pilaren, die het meeste weg hebben van half in de grond geslagen heipalen, waarop een lichte metalen constructie is gezet waarmee de koepel wordt gesuggereerd die op zijn beurt wordt bekroond door wat roestige stukken golfplaat. In het midden van deze constructie staat een beeld van Maria met Jezus op de arm. De ongetwijfeld goed bedoelde wansmaak wordt afgerond door vier mollige engeltjes op het voetstuk. Hoe kan iemand dit in vredesnaam verzinnen. Hierna laten we het stadje zelf liever maar links liggen.

Nog geen kilometer verderop stijgt Goya toch weer enigszins in mijn achting. Langs de weg staan zwarte vlaggen en een bord met “BIENVENIDOS AL SEÑOR DE LA BUENA MUERTE”, wat van de weg af staat een zwart geverfd bouwsel, type volkstuinhuisje. Daarin moet een altaar zijn voor El Señor de la Buena Muerte of San la Muerte, de heilige man met de zeis, Magere Hein. Die zie je niet zo vaak. San la Muerte wordt voornamelijk vereerd in Paraguay en even over de grens in delen van Argentinië en Brazilië waar de Guarani wonen. De oorspronkelijke bevolking. Paraguay is vlakbij, minder dan 250 kilometer ten noorden van Goya. San la Muerte heeft wel wat weg van de Mexicaanse verering van Santa Muerte. Iets, meer niet. Zwart is uiteraard de kleur van deze volksheilige, tot en met de kaarsen toe, maar er staan ook rode rozen en rode anjers. Een deel van de ruimte is gevuld met dezelfde dankbetuigingen als we bij Gaucho Gil zagen. Voor de zegeningen die dankzij – in deze - de tussenkomst van San la Muerte bij God werden losgepeuterd. Door de hele ruimte staan kleine skeletjes die zijn gekleed in een lange zwarte mantel met een monnikskap. Zo ziet deze heilige er dus uit in de verbeelding van zijn aanbidders. ’t Is een schoolvoorbeeld van het vereren van valse goden dat de rechtgeaarde Calvinist zo tegen de borst stuit. Dit licht storende element wordt meer dan goedgemaakt door de muziek die opeens uit het niets opklinkt. Deze keer worden Corrientes, de rivieren en de tijden van weleer bezongen. Door een gat in de heg zie ik in de schaduw van een paar bomen een zanger en een gitarist zitten. Oefenen ze voor hun volgende optreden of zitten ze op een zwoele zaterdagmiddag gewoon wat voor hun plezier te musiceren?

Na Goya verandert het landschap gestadig. De bosbouw verdwijnt en maakt plaats voor weiden waarin op onregelmatige afstanden palmbomen staan. Overblijfselen van wat in het niet eens zo verre verleden hele bossen moeten zijn geweest, die met het oprukken van de mens grotendeels zijn verdwenen om vrijbaan te geven aan weiden en landbouwgrond. Aan de overkant van de rivier, in de provincie Entre Rios, is een beschermd natuurgebied waar deze palm, de Butia Yatay, wordt beschermd. En dan zijn er bomen met gele bloemen. Het zouden enorme gouden regens kunnen zijn, ware het niet dat de bloemen recht overeind staan als de kaarsen van een kastanjeboom en heel erg op lupine lijken. Hoe zo’n boom heet, was en blijft een onopgelost raadsel.

wordt vervolgd