|
NIEUWE KAAPSE KRONIEKEN - 36 (01092009) Zaterdag, 8 augustus 2009. Nee, een schoonheidscommissie heeft Calvinia beslist niet of het is er een met een hele slechte smaak. Het foeilelijke gebouw van de regionale bibliotheek verziekt de verder redelijk ogende omgeving van het dorpsplein, waardoor het een stuk minder erg is dat de grootste brievenbus ter wereld er schuin achter staat. Wansmaak en de goede smaak om historische huizen en gebouwen in het centrum te restaureren, strijden in een straal van een paar honderd meter om voorrang. Waarom moet er nou net op deze plek, niet al te lang geleden waarschijnlijk een parkje, zo’n totaal uit de toon vallend op een armetierig noodschooltje lijkend gebouw worden neergezet? En welke gek krijgt het in zijn hoofd om een zichtbaar nutteloze brievenbus van ruim zes meter hoog te bouwen? Jawel, dezelfde mensen die de oude huizen zo mooi hebben opgeknapt! Om het onding zoveel mogelijk op een echte brievenbus te laten lijken, heeft iemand anders er een bord op bevestigd met de waarschuwing “moenie briewe wat banknote, muntstukke, oningevulde posorders of andere artikels van waarde in hierdie bus pos nie. registreer dit by die poskantoortoonbank”. En dan te bedenken dat de gleuf waarin de brieven moeten worden gepost op ongeveer 5 meter boven de grond zit. Ben ik hier soms in een open inrichting voor lichtelijk gestoorden terecht gekomen? Naast de kerk staat een klein monument ter herinnering aan de “Grote Trek”, een uit zandsteen gehakte “ossewa”. Aan de Kerkstraat – een ongelukkig toeval? - ligt de oude synagoge met hoog in de gevel de ster van David en ietsje lager een bord met “CALVINIA MUSEUM”. Want dat is het nu. De collectie zit achter slot en grendel, het museum is op zaterdagmiddag gesloten. Vanaf de straat kunnen in de tuin ernaast twee grote stoomlocomotieven van de Suid Afrikaanse Spoorweë worden bewonderd, waarvan het niet duidelijk is of ze tot de collectie behoren of het eigendom zijn van oude treinen verzamelende buren. Het Calvinia Hotel zit eveneens op slot, net zoals de kroeg zoals een café in het Afrikaans heet. Beide zijn te koop. Er tegenover houdt Kruie Dokter Dr M. Sozi op alle dagen van de week spreekuur. Hij lost, net als duizenden collega’s elders in Afrika, vrijwel ieder probleem op. Van AIDS tot lichamelijke ongemakken, van huwelijksproblemen tot gevallen van doodgewone pech. Alsof AIDS en een matig huwelijk niet in dezelfde categorie thuishoren. Bij een supermarkt hangen licht aangeschoten bedelaars rond die hopen genoeg geld in te zamelen voor de volgende fles. Er schijnt sprake van een plaag te zijn, als de mededeling op de deur van het – ook al gesloten – politiebureau mag worden geloofd: “Moenie geld aan bedelaars verskaf nie. U word deur plaaslike verordeninge beskerm tegen bedelary. U kan self ook ’n kriminele klagte aanhangig maak indien u geintimideer word deur bedelaars. Saam kan ons ‘n verskil maak teen bedelary”. Ik voel me niet echt beschermd door de verordeningen, maar echt lastig vallen doen ze me ook niet. Je kan die gasten toch gewoon oppakken als bedelen langs de openbare weg verboden is? In bijna alle Victoriaanse huizen uit de economisch goede tijden van lang geleden, is nu een pension of een restaurant gevestigd. Een vorm van vrijwillige monumentenzorg bij gebrek aan overheidsgeld, bovendien stukken beter dan sloop of verwaarlozing. Een paar van de oudere zien er in mijn ogen wat al te opgelapt uit. Jammer, het merendeel kan er echter best mee door. Maar toch, waarom moest er perse in de dode hoek van het dorpslein waar ik logeer in de ruimte tussen de tegenover elkaar gelegen gerestaureerde huizen een lelijke gemeentewerf worden gebouwd? Moet er soms een rekening worden vereffend met al diegenen en hun nakomelingen die in 1948 in dit kiesdistrict op D.F. Malan hebben gestemd? Op Mr. Apartheid zelf? Oud roest doet het trouwens ook goed. Zo ontdek ik het ludieke pension “Rustic Art”, jawel het heeft een roestbruin geschilderde gevel, dat midden in een kunstig gearrangeerde schroothoop ligt. Onbruikbare verroeste fietsen in het fietsenrek, verroeste cabines van personenauto’s en een vrachtauto op de parkeerplaats, verroeste bedspiralen aan de gevel, een gejatte richtingaanwijzer naar Putsonderwater in de voortuin. Het privémuseum van het Hantamhuis, waar ik dineer, heeft een heel andere collectie. Veel huishoudelijke gebruiksvoorwerpen: botertonnen, gehaktmolens, wasborden, een handwringer, handnaaimachines, grote koffie- en tabaksblikken, een koffiemolen. Even waan ik me terug in de keuken van mijn grootouders. En een paar mooi ingerichte stijlkamers, een woonkamer en een slaapkamer. Het allerleukste is de winkel, waar naast souvenirs en lokale produkten zoals rooibosthee, gekke pillen worden verkocht. Gelukkig staat de gebruiksaanwijzing op de etiketten: VERGEETPILLE – Neem dadelik twee om te vergeet te vergeet. Verhoog dosis naar vier twee keer per dag om te onthou om te onthou – HARTSEER PILLE – Neem twee dadelik om seer te verminder. Dan een drie keer per dag om weer te lag – en HUMEUR PILLE – Neem twee wanneer humeur opvlam voordat sagmoedigheid uitbrand. In ieder medicijnflesje zit overigens snoepgoed. Of het eten daarna smaakt of niet, doet er niet zoveel meer toe. Het is pikkedonker als ik na het eten onder een heldere hemel naar mijn nagmaalkamer wandel. ’t Is hartstikke koud op de hoogvlakte, Calvinia ligt bijna duizend meter boven de zeespiegel. Inderdaad een fantastisch mooie sterrenhemel die je nooit van zijn leven in een geïndustrialiseerd westers land of in welke vervuilde grote stad waar ook ter wereld zou kunnen zien. ’t Is best om stil van te worden, heel erg indrukwekkend. Ik word duizelig van het omhoog kijken en voor de tweede keer binnen enkele maanden spijt het me om zo weinig van de sterrenhemel af te weten. wordt vervolgd |