VLIEGENDE BOEKEN - (19122012)

Een ietwat verlept gebouw in een ietwat verlept gedeelte van de Calle México op de grens van de stadsdelen San Telmo en Montserrat. De huizen schuin aan de overkant zijn gekraakt, het elegante dure restaurant ernaast – waar Argentijnse schrijvers ooit hun sociëteit hadden – benadrukken de tegenstellingen in de straat. BIBLIOTECA NACIONAL staat er hoog in de gevel, hoewel er al minstens 20 jaar geen boek meer op de planken staat. In 1993 werd de verhuizing naar het nieuwe onderkomen afgerond, naar die afgrijselijke betonnen bunker in het stadsdeel Recoleta. Op de plaats waar voorheen de presidentiële residentie stond, die werd gesloopt om de herinnering aan de voormalige bewoners voorgoed uit te wissen. De herinnering aan Juan Domingo en Evita Perón. Tijdens het laatste kwartaal van 2012 zijn er tijdelijk weer boeken terug, niet in de schappen maar hangend in de vrije ruimte van wat ooit de leeszaal was. Het zijn er veel te weinig om de bibliotheek nieuw leven in te blazen, het gaat dan ook om een kunstwerk. De installatie “Flying Books” van de Franse kunstenaar Christian Boltanski, met als ondertitel “Een hommage aan Borges”. Een hommage aan de schrijver Jorge Luis Borges die van 1955 tot 1973 directeur van de bibliotheek was, die toen nog in dit gebouw was gevestigd. Tegenwoordig is het de zetel van het Centro Nacional de la Música.

Het is acht jaar geleden dat ik het gebouw voor het eerst én voor het laatst bezocht, destijds was er in dezelfde zaal een tentoonstelling van door Alberto Korda in het post-revolutionaire Cuba geschoten foto’s van Che Guevarra. Het was streng verboden te fotograferen. Niet dat ik foto’s van de foto’s wilde maken, juist de in verval geraakte ruimte wilde ik vastleggen. “Alleen met toestemming van de directie”, was het consigne en dat is het nu nog. Deze keer is er echter een uitzondering gemaakt voor de kathedraalhoge zaal waarin de installatie hangt, voor de leeszaal met boeken die aan draadjes in de ruimte hangen en met lege schappen. De zaal en het gebouw zijn jammerlijke voorbeelden van vergane glorie in Buenos Aires, misschien wil men daarom niet dat het wordt vastgelegd. Het begint bij de entree: een tegeltableau met ANNO DOMINI MCMI ingebed in sleetse dieprode tegels met fraaie patronen. Tegels van hetzelfde type die ook in mijn eigen honderd jaar oude appartement – AD MCMXII – liggen, hoewel die stukken bleker zijn. Gemarmerde muren en pilaren, een mooi bewerkte solide hoge houten toegangsdeur naar de leeszaal, ambachtelijk vakwerk van de bovenste plank. Ondanks de verwaarlozing zet dat beeld zich voort. Deze ruimte is eigenlijk een centrale hal met drietal galerijen tot aan het dak, daar zorgen grote ramen voor licht. In ieder van de vier hoeken, die waarschijnlijk de spanten van het koepeldak maskeren, het beeld van een vrouw - of is het een heiligenbeeld, de beschermheilige van Argentinië? – tegen een achtergrond van bladgoud. Tussen de boekenkasten de namen van schrijvers en wetenschappers, boven de deuren van de eerste galerij de namen van de secties: HISTORIA, LETRAS, DERECHO, CIENCIAS. De details van hout en ijzerwerk – veel rozetten – leveren het bewijs dat arbeid destijds nauwelijks een kostenpost was. Doodzonde is het dat er niets wordt gedaan om tenminste de schijn op te houden dat dit een cultuurhistorisch monument is.

Soms verneuk je jezelf door nieuwsgierig te zijn. Aldus ontdek ik dat de installatie helemaal geen werk van Boltanski is, hooguit door hem geïnspireerd, maar is ontworpen en uitgevoerd door studenten van de organiserende universiteit. “Boltanski heeft het ontwerp goedgekeurd en aangegeven dat de boeken als vogels in de vlucht moeten zijn”, wordt mij toevertrouwd. Er staan ventilatoren om ervoor te zorgen dat de bladzijden bewegen als de vleugels van een vogel. En al die boeken, waarvan er niet één van Borges’ hand is, zijn “giften” die na afloop “hoogstwaarschijnlijk” zullen worden weggegooid. Een gedachte die ik als bibliofiel nauwelijks kan verdragen. Voordat daarmee wordt begonnen, is er ter afsluiting van de tentoonstelling een “interventie” georganiseerd, een hedendaags ballet genaamd “Biblioteca” dat is geinspireerd door de “Flying books”. Voor het twaalfde achtereenvolgende jaar laat ik me wijsmaken dat de voorstelling stipt op tijd zal beginnen. De zaal is tegen die tijd goed gevuld, de bezoekers worden echter verzocht buiten te wachten om de aanstaande ingreep voor te kunnen bereiden. Gelukkig ben ik wel gepast gekleed: t-shirt, knielange spijkerbroek, canvansschoenen, hoewel ik bij een volgende gelegenheid niet moet vergeten oortjes in te doen en een flesje water in de hand te houden. Drie kwartier later arriveert de bus met de “hedendaagde dansers”, nog een kwartier later mag het publiek weer naar binnen. Men gaat op de vloer rond de installatie zitten, dat kan echter niet. Een hooggehakte en elegant gejurkte danseres gaat rond om toeschouwers in participanten te veranderen: we moeten onder en in de installatie gaan rondhangen. De contemporane dansers doen even later hetzelfde, zij zijn te herkennen aan de ledlampjes waarmee ze de vliegende boeken lezen en aan hun uit de toon vallende formele kleding. De toeschouwers slokken de dansers vrijwel op, hun lichtjes zijn de bakens om hen te kunnen volgen. Zo zie je ze binnenkomen en weer verdwijnen. Al met al een pijnloze ingreep, die zoals bij een pijnloze ingreep hoort, erg weinig voorstelde en dus perfect bij de vliegende boeken aansloot.