ROUTE LE CORBUSIER – 22 (24112014)

Dag 8 – Marseille – Hotel le Corbusier/ Éveux – Couvent Sainte-Marie de la Tourette.
Jeetje, sta ik daar midden in Frankrijk voor de deur van de kerk van het Couvent de la Tourette en word aan die Londense show uit de jaren 70 van de vorige eeuw herinnerd. Toen vlogen we – mijn toenmalige geliefde en ik – met enige regelmaat met de goedkoopst mogelijke tickets van Rotterdam naar Londen waar mijn oud-studiegenoot Ger, of Jerry zoals hij aan de overkant werd genoemd, ons opwachtte. Een weekeinde met een musical, een show, een feestje of gewoon ontspannen nietsdoen – dat wil zeggen eindeloos ouwehoeren en doorzakken – en dan weer terug naar huis. Het allerergste dat ik me herinner is een optreden van Neil Diamond in het London Paladium. Veel geld betaald voor goede plaatsen en vervolgens worden weggeblazen door het alles doordringende veel te harde geluid dat uit de torenhoge versterkers kwam. “Sweet Caroline” was opeens helemaal niet zo zoet meer. Daarvoor waren we fans van Neil, erna stopten we haast doppen in de oren om zijn stem nooit meer te hoeven horen. Maar de Rocky Horrorshow en O Calcutta – oei naakte acteurs en actrices op het podium – en Jesus Christ Superstar en Hair waren belevenissen. We sluipen de kerk in en gaan op de eerste de beste bank zitten, het ziet er totaal anders uit dan in de vroege avond. Het is pikdonker, alleen het hoger geplaatste altaar is uitgelicht, op het orgel staat een bureaulamp. Voor het altaar staat een zanger, om hem heen lopen allerlei technische jongens. Niks geen Rocky Horrorshow, de generale repetitie voor “Psaumes” de door de Franse dramaturg, poëet en schrijver Paul Claudel vertaalde Bijbelse Psalmen is in volle gang. Je moet ofwel mateloos geïnteresseerd zijn in het oeuvre van Claudel, dan wel in het religieuze aspect van dit werk, want volgens de aankondiging zal er gedurende 8 uur één enkele man op het podium staan om het werk voor de eerste keer integraal uit te voeren. Het spektakel is geprogrammeerd voor het komende weekeinde: aanvang vrijdagavond half negen, slotakkoord zaterdagochtend 8 uur! Na een poosje gaan we weer weg, er moet zoveel geregeld worden, zoveel worden herhaald, zo vaak het licht worden bijgesteld en dan weer het geluid. Die herhaalde technische discussies onderbreken de repetitie keer op keer, waardoor we nauwelijks een indruk krijgen van het werk. Behalve dan dat het alles behalve licht verteerbaar is. Om vast aan de nachtelijke voorstelling te wennen, wordt vrijwel de hele nacht door gerepeteerd. Na het douchen en naderhand nog eens tijdens een toiletbezoek, hoor ik nog steeds die Frankenstein orgelmuziek. Gelukkig weet ik nu beter en ga met een gerust hart weer slapen in mijn kloostercel.

Dag 9 – Éveux – Couvent Sainte-Marie de la Tourette/ Saint-Dié des Vosges.
Het geeft bijna een gevoel van opluchting dat er na bijna 24 uur zonder een afbeelding van de Modulor, hij aan de ontbijttafel weer verschijnt. Bijna zoiets als een wederopstanding. Het is een instructie hoe de gasten met een hefboommes – een aangepaste papiersnijmachine – het brood dienen te snijden zonder daarbij lawaai te maken. Weer wat bijgeleerd. Het spoort ons aan om nog een laatste ronde door het interieur van het klooster te maken alvorens weer in de auto te stappen. De daktuin en de dakterrassen, wellicht ooit bedoeld om te kunnen brevieren - liggen er onverzorgd bij en als je op de structuur van de interne passages neerkijkt ontwaar je een kruisvorm. In het zwevende betonnen vierkant zonder ramen, maar mét een torentje, herkennen we kleine kapel naast de bibliotheek, de drie ronde vormen naast de ingang van het klooster doen me sterk denken aan de vormen van die ik in de Falaise de Bandiagara in Mali zag, aan de rand van de Sahara in het land van de Dogon. De zeven “zoeklichten” op het dak van de sacristie, lichtkokers die voor daglicht binnen zorgen, horen eerder bij een batterij luchtafweergeschut uit een recente oorlog. In tegenstelling tot de drie ronde lichtkokers op de crypte aan de buitenkant van de kerk die er nog al losjes, bijna onverschillig, bij staan. We nemen afscheid en tijdens de lange rit naar Saint-Dié des Vosges is er tijd genoeg om de ervaring van “een nacht in het klooster” nogmaals de revue te laten passeren. En nacht in een indrukwekkend complex dat nooit de functie heeft kunnen vervullen waarvoor het gebouwd werd: het opleiden van Dominicanen. Het functioneert op een bepaalde manier tenminste nog wel als een religieus centrum, hetgeen voor mijn gevoel gepaster is dan de boekhandel die in de kerk van de Dominicanen in Maastricht is gevestigd. De Dominicanen van Éveux en de Clarissen van Ronchamp zijn beide bedelorden. Volgens een definitie die ik las zijn dat “religieuze ordes die voor hun levensonderhoud afhankelijk zijn van het bedelen of van liefdadigheid. In principe hebben ze geen eigendom, noch individueel, noch gezamenlijk....” Tja, en dan wel Le Corbusier en Renzo Piano inhuren om alles behalve nederige onderkomens te bouwen. Ik kan zoiets niet rijmen, maar dat zal wel komen omdat ik niet katholiek ben grootgebracht.

wordt vervolgd