DE LAATSTE KOGEL (29082015)

“La guerre de 1870 est malheureusement peu connue,” lees ik in een Franse brochure. Daar ben ik het van harte mee mee eens. De afgelopen jaren reden we in de buurt van Sedan – waar die oorlog vrijwel werd beslecht – met enige regelmaat langs de altijd stomende fabriek van Unilin. Daar wordt hout uit de Ardennen verwerk tot onder andere scheidingswanden, spaanplaat én laminaatvloeren. De fabriek ligt op de Z.I. – het industrieterrein – van Bazeilles, een voorstadje van Sedan. Dat lieten we tot een week geleden steevast links liggen. Hoewel de regio overdadig is gevuld met monumenten die aan de Eerste- en de Tweede Wereldoorlog herinneren, kom je inderdaad vrij zelden een monument tegen dat de Frans-Duitse oorlog van 1870/71 herdenkt. Ik ken slechts een kleine obelisk op het kerkhof van Stenay. In Woerth is het “Museum van de Slag van 6 augustus 1870” gevestigd, in Gravelotte – waar 18 augustus 1870 de grootste slag van die oorlog plaats had – is een museum gewijd aan de oorlog en de Duitse annexatie van Elzas-Lotharingen. Beide museums liggen in de buurt van Metz, zo'n 150 kilometer naar het zuidoosten. Het beleg van Metz speelde een belangrijke rol bij de nederlaag die de Fransen op 1 september 1870 bij Sedan zouden lijden, een nederlaag die het einde van het Tweede Keizerrijk zou betekenen. Na bij Gravelotte het onderspit te hebben gedolven, trok het Franse Rijnleger zich terug op Metz, alwaar het werd ingesloten door een grote Pruisische troepenmacht. Haastig werd een nieuw leger bij elkaar geraapt dat de stad moest gaan ontzetten: l'Armée de Châlons. Dat leger nam niet de kortste weg, maar maakte een omtrekkende beweging via het 25 kilometer ten zuiden van Sedan geleden Beaumont-en-Argonne, waar de troepen van de goed geïnformeerde Generaal von Moltke hen opwachtten. De Fransen kregen het zwaar voor hun kiezen, werden opgejaagd naar Mouzon en trokken vervolgens verder terug in de richting van de vesting Sedan. En dan komt het nietszeggende Bazeilles, dat tussen Mouzon en Sedan ligt, in beeld.

Op zoek naar een oorlogsmonument in Sedan, kom ik op het internet onverwacht “la Maison de la Dernière Cartouche – het Huis van de Laatste Kogel” in Bazeilles tegen en lees over het heldhaftige verzet dat de Franse Mariniers daar boden. Vanuit een hinderlaag op de eerste verdieping van de aan de rand van het dorp gelegen Auberge Bourgerie. Dit alles gebeurde tijdens wat zo'n beetje de laatste grote Europese oorlog was zonder vliegtuigen, chemische wapens en wat dies meer zij. Goed georganiseerde Duitsers tegen een Frans leger dat sinds de Slag bij Waterloo niet meer in actie was gekomen, zware verliezen leed en nederlaag na nederlaag. En dat terwijl ze de oorlog zelf waren begonnen om een halt toe te roepen aan de door Kanselier Otto von Bismarck nagestreefde Duitse eenwording onder leiding van het Koninkrijk Pruisen. De generaals die de Keizer bijstonden, hadden hem verzekerd dat de Fransen in geval van een militair conflict zonder meer zouden zegevieren. Het Parlement besloot op 16 juli 1870 om Pruisen de oorlog te verklaren, drie dagen later begonnen de gevechtshandelingen. Direct al bleek dat de Duitsers veel beter waren georganiseerd en getraind, meer mannen onder de wapenen hadden en stukken beter gebruik maakten van de destijds nieuwste technologie zoals spoorwegen en artillerie. Tegen eind augustus werd het leger dat onderweg was om Metz te ontzetten bij Sedan door Duitse troepen in de tang genomen en kon geen kant meer op. De verliezen aan Franse kant waren niet gering, op 1 september werden er 17.000 Franse manschappen gedood of gewond en werden er 21.000 krijgsgevangen gemaakt. Een dag later tekende de Keizer de overgave en gingen nog eens 104.000 soldaten naar een krijgsgevangenenkamp.

Ondanks deprimerende cijfers werd dit achterhoedegevecht, want dat was het voor mijn gevoel, naderhand verheven tot een heroïsch gevecht tussen Franse Mariniers en het 1ste Beierse legerkorps. Die mariniers hadden tot taak om de aftocht van de al verslagen Fransen te dekken door zo veel mogelijk tijd te rekken. Heldhaftig was het zeker en zinloos evenzeer. Het schieten vanuit hun hinderlaag begon zodra de vijand in zicht kwam, de afloop wordt als volgt beschreven:“Le capitaine Aubert tire la dernière cartouche d'une fenêtre du premier étage. Le combat cesse. Un mouchoir blanc mis au bout d'un fusil annonce la reddition des défenseurs de la maison Bourgerie. Le commandant Lambert sort le premier. Un capitaine bavarois empêche le massacre des Français. – Vanuit een raam op de eerste verdieping vuurt Kapitein Aubert de laatste kogel af. Het gevecht is voorbij. Een witte zakdoek aan het einde van een geweerloop betekent de overgave van de verdedigers van de Auberge Bourgerie. Commandant Lambert verlaat als eerste het pand. Een Beierse Kapitein voorkomt dat de Franse verdedigers worden afgemaakt.” Nadat deze hindernis was opgeruimd, zouden de Beierse eenheden de Mariniers die de spoorbrug over de Maas verdedigden letterlijk onder de voet lopen. De overgave volgde een dag later.

wordt vervolgd