|
NICARAGUA – REIS LANGS EEN ONZICHTBAAR KANAAL - 3 (31032016) Maandag 29 februari 2016 – Managua Minerva wil weten of ik de boodschap heb ontvangen die ze gisteravond bij de receptie heeft achtergelaten. Niet dus. Die vind ik half onder de deur doorgeschoven als ik na het gesprek ga douchen. Ze laat me weten dat ene Carlos mij om 8 uur zal ophalen, maar dat een aantal van de musea die ik wil bezoeken helaas zijn gesloten. Nog maar half wakker heb ik gelijk al goed de smoor in. Toen ik in verband met de logistiek tijdens de tweede helft van de reis mijn aankomst in Managua met een dag moest vervroegen – van maandag naar zondag – had ik gelijk aan Freddy de Nicaragua-expert gevraagd of de musea op maandag open zouden zijn omdat ik die anders liever gelijk na aankomst op zondag zou willen bezoeken. Binnen vijf minuten ontving ik als antwoord dat ik me geen zorgen hoefde te maken, de musea in Nicaragua zijn op maandag open. “Bovendien,” zo voegde hij er aan toe “is het op maandag stukken minder druk.” De expert, die gisteren ook al een mindere indruk maakte, begint van zijn voetstuk te vallen. Ik vertel Minerva dat ze er dan maar voor moet zorgen dat ik tegen het einde van mijn reis die musea alsnog kan bezoeken. Waarschijnlijk om van mij af te zijn, antwoordt ze “er alles aan te zullen doen om dat te regelen.” “Wat je na aankomst in Managua het beste kunt doen, is gelijk een taxi naar Granada nemen. Je hebt er verder niets te zoeken,” raadde de bereisde landgenoot me vlak voor vertrek aan. Voordat hij verder kon gaan, vroeg ik hem daar niets over te zeggen. Ik wilde het zelf ontdekken, vandaag is het zo ver. Mijn begeleider laat op zich wachten en blijkt achteraf in de lobby bijna vijf minuten naast me te hebben gezeten. Vervolgens claimt hij dat hij op tijd was en ik te laat. Ook de tweede dag in Managua begint niet zoals ik me had voorgesteld. Daarna belanden we op de kaarsrechte weg van het vliegveld naar het stadscentrum in de ochtendspits, die in het niets valt bij het spitsuur in Buenos Aires of in het vaderland. De kunstbomen die me gisteren, zelfs vanuit de lucht al opvielen, staan werkelijk overal. Om de file te vermijden slaan we af en rijden verder door glad beklinkerde straten. Een grote muurschildering kondigt aan dat we in de wijk Acahualinca zijn beland “Hacia el futuro ACAHUALINCA te saluda.” Het museum, liever gezegd het museumpje, dat ik hier wil bezoeken heet “Huellas de Acahualinca – de voetafdrukken van Acahualinca,” het is gevestigd in een van die lage laag huisjes waar de wijk uit bestaat. Het traliehek zit stevig op slot, een bord meldt “MONUMENTO EN RESTAURACIÓN.” De mensen achter het hek halen hun schouders op als we vragen of het later op de dag wellicht nog open gaat. Volgens Carlos is er sprake van een arbeidsconflict dat wel eens lang zou kunnen duren. Het is “een gevoel” dat hij heeft, dat op feiten, noch op nadere informatie is gebaseerd. Ondertussen baal ik omdat binnen de meer dan zesduizend jaar oude voetafdrukken zijn te zien van mensen die destijds aan de rand van het nabij gelegen Managuameer – dat ter plaatse Lago Xolotlán wordt genoemd - verbleven. Het zijn simpel gezegd gestolde voetafdrukken in vulkanische grond. Het zijn de oudste bewijzen van menselijke bewoning in Nicaragua en zouden volgens sommigen zelfs de oudste van het Amerikaanse continent zijn. Oudste bewijzen van menselijke bewoning van het Amerikaanse continent? Dat vind ik een zeer twijfelachtig stelling. Een paar maanden geleden was ik in het zuiden van Chili waar vlakbij Puerto Montt in de jaren 70 van de vorige eeuw de beroemde “Huella de Monte Verde” werd gevonden. Die zouden veertienduizend jaar oud zijn, terwijl alle wetenschappelijk vastgestelde migratiestromen vanaf Alaska naar het zuiden liepen. Het zal wel met nationale trots hebben te maken of doodgewone onwetendheid. wordt vervolgd |