|
NICARAGUA – REIS LANGS EEN ONZICHTBAAR KANAAL - 18 (02062016) Zondag 6 maart 2016 – La Corona – El Rama – Bluefields Een kamer zonder ramen, een douche zonder water, een toilet dat niet doorspoelt, de airconditioning doet het niet. Welkom in Hotel Jackani. Omdat er tijd nodig is om de watertank te vullen “de onderhoudsman is vandaag vrij,” ga ik op verkenning. De straten zijn leeg, de winkels gesloten, op de hoek van een straat liggen wat rasta's hun roes uit te slapen. Wat ik ontdek, zijn twee Moravische kerken en een Moravische scholengemeenschap. Uit de kerk bij de haven klinkt orgelmuziek, er wordt in het Engels gezongen door kerkgangers die Afrikaanse voorouders hebben. “Is er iemand die mij iets over de Moravische Kerk in deze regio kan vertellen?” vraag ik aan de man die de orde van dienst aan de arriverende kerkgangers geeft. “Allan, de directeur van de school aan de overkant weet daar alles van, hij is morgen op kantoor.” Ik mijmer kort bij het monument voor de eerste zendelingen met Duitse namen die hier op 14 maart 1849 voet aan wal zetten en vervolg mijn wandeling door het spookstadje. De welvaart druipt er niet bepaald af, in het centrum tenminste. De behoefte aan een glas koud bier is inmiddels groter dan de tegenzin om de donkere bar zonder ramen binnen te stappen, waaruit luid reggaeton muziek klinkt. 't Is een grote ongezellige halfduistere zaal met weinig klanten, ik bestel een flesje bier, drink het langzaam op en vraag me af wat ik hier heb te zoeken. Nog een flesje Victoria Clásica dan maar. Op de terugweg naar het hotel maak ik kennis met Erika en Esmeralda. Twee oudere zwarte dames die op de veranda van hun houten huis zitten en vragen of ik niet even bij hen wil komen zitten. Zij vervelen zich en ik sta op het punt dat ook te gaan doen, dus waarom niet. Erika werkt als verpleegster in Miami en is op vakantie, Esmeralda lijkt een lichte geestelijke achterstand te hebben. Ik moet vooral niet bij donker over straat lopen, want de kans dat ik zal worden overvallen is groot. Ik bedank hen voor hun moederlijke goede raad. Uiteraard moet ik uitleggen waar ik vandaan kom en waarvoor ik in Bluefields ben en dat is nu eens niet voor het kanaal, maar om meer te weten te komen over wat hier nog te vinden is van de cultuur van hun voorouders, over de Garifunas en over de Moravische Kerk (half uur geleden toegevoegd). Laten zij nu leden van die kerk zijn. Als Allan mij morgen niet kan ontvangen, dan helpen ze me graag aan een ander contact! We spreken Engels, want dat is de taal van de gekleurde lokale bevolking, alleen de import Nica's die hier wonen spreken Spaans. De dames zijn afkomstig uit Laguna de Perlas, dat zij Pearl Lagoon noemen, waar Engels de voertaal is, nou ja Creole. Ze spreken wel Spaans, want volgens de wet is alle onderwijs in het Spaans en als je wat nodig hebt en de ambtenaar geen Engels spreekt, dan heb je pech gehad. “We worden eigenlijk wat gediscrimineerd, hoewel het in Miami best handig is om beide talen te spreken.” Iets dat ik uit eigen ervaring weet. Het schemert, tijd voor een ontboezeming: “Esmeralda is eigenlijk mijn zus niet hoor, toen ze klein was is ze bij ons aan komen lopen en nooit meer weggegaan.” Het was mij al opgevallen dat haar huid stukken lichter is dan die van Erika. “Dus zijn we door mijn moeder als zussen grootgebracht en dat zijn we nog steeds. Ik wil zo graag dat ze naar Miami komt, maar ze wil niet.” Ik kijk naar Esmeralda, die dat als een ondeugend kind met een brede grijns bevestigt: “I don't want to go there!” wordt vervolgd |