NICARAGUA – REIS LANGS EEN ONZICHTBAAR KANAAL - 24 (27062016)

Woensdag 9 maart 2016 – Laguna de Perlas – Kakabila – Orinoco – Marshall Point – Laguna de Perlas.
Na zo'n drie kwartier varen over de lagune zonder boeien of andere bakens die de vaargeul markeren, meren we af in Kakabila. Het visitekaartje van dit Miskitodorp, het naast de aanlegsteiger gelegen gemeenschapshuis van bamboe dat is versierd met kleurrijke patronen en een dak van palmblad heeft en de uit een boomstam gehakte korjaal die er naast ligt, voldoet zonder meer aan mijn op niets gebaseerde idee van hoe een traditioneel “indianendorp” er hier zou moeten uitzien. De nogal opzichtige schotelantenne die ernaast staat, doet daar niets aan af. Zo op het eerste gezicht een prima plek om kennis te gaan maken met de cultuur van waarschijnlijk de oudste inwoners van de Caribische kust van Nicaragua. Na nog maar net 100 meter te hebben gewandeld, beginnen de schellen me al van de ogen te vallen omdat daar planken, beton of golfplaat als bouwmaterialen voor de huizen en huisjes zijn gebruikt. Vervolgens komen ons kinderen in schooluniform tegemoet die de plastic stoeltjes, waar ze tijdens de schooluren op zitten, op de schouders mee terug naar huis nemen. “Kakabila for Jesus” staat op de zijmuur van een huis, we lopen langs een andere muur waarop de recente geschiedenis van het dorp wordt verbeeld. Die begint in 1905, toont onder andere een tropische storm die het dorp verwoestte – hetgeen het beton en de houten planken verklaart – en een in het wit geklede man die voor een kerkje door de bliksem wordt getroffen, wat ik vertaal naar iemand die werd getroffen door de Heilige Geest en zich tot het Christendom bekeerde of wellicht de komst van de eerste Moravische zendelingen. De buitenkant van het kerkje is sneeuwwit geverfd, de houten klokkenstoel zonder klok staat er verwaarloosd bij. Aan het interieur wordt nog gewerkt, Jezus ligt lui op zijn rug op de kansel te wachten totdat het karwei geklaard is.

Even verderop begint mijn kennismaking met de “traditie,” Mariano haalt een hoepelvormig visnetje tevoorschijn, een jonge vrouw is de was aan het doen met zo'n houten wasbord dat ik gisteren op de markt zag. Dat heeft weinig met culturele traditie te maken, mijn grootmoeder deed de was op dezelfde manier. De bejaarde tandeloze genezeres met een oranje-zwarte ijsmuts op het hoofd, is wel traditioneel. Ze bereidt haar geneesmiddelen uit de bladeren, kruiden en wortels die ze in het bos vindt. Haar nutteloze beha – haar borsten zijn totaal verlept – dient als de bewaarplek voor de kruiden die ze laat zien, waarbij ze uitleg geeft waarvoor ze dienen. En ja, de kennis wordt overgedragen van moeder op dochter, zoals zij inmiddels ook heeft gedaan. Alles wordt gemurmeld in de eigen taal, Mariano vertaalt. Ter afsluiting wordt de envelop tevoorschijn gehaald en het honorarium voor het consult uitbetaald, ondertussen komt een fleurig opgemaakt tienermeisje voorbij dat geheel volgens de laatste korte en blote mode gekleed is en die onbedoeld benadrukt dat het moderne leven Kakabila in zijn greep begint te krijgen. We lopen door het dorp, langs huizen op palen en langs huizen met buitenkeukens zoals ik die ook in Bluefields en La Corona al zag, met diezelfde raamloze openslaande luiken en houtovens die altijd smeulen. Tot besluit gaan we langs bij een jongen die met nylondraad een visnet aan het knopen is en wordt er met pijl en boog geschoten, ook daarmee wordt gevist. Terwijl ik kokosnootmelk uit de voor mijn ogen opengehakte noot drink en Mariano de envelop met geld weer tevoorschijn haalt, bedenk ik dat alles wat ik het afgelopen uur heb gezien vast en zeker voor de gelegenheid in scene is gezet.

Na niet echt veel te hebben bijgeleerd over de Miskito cultuur of tradities, het ging eerder over “oude ambachten,” varen we door naar Orinoco, een dorp waar Garifunas wonen. In tegenstelling tot Kakabila is dit een compact dorp waar de huizen dicht op elkaar zijn gebouwd. Vanaf het water valt een uit de toon vallend groot stenen huis op dat is omgeven door lage houten huisjes met schotelantennes. Onze gastheer lijkt me of al vroeg op de dag ietwat aangeschoten of een beetje high, broodnuchter is hij in ieder geval niet. We worden verwacht voor de lunch op een terras van wat een dorpshuis of cultureel centrum lijkt te zijn, in ieder geval werd er in november 2013 een deel van een Internationale Garifuna conferentie afgewerkt die dat jaar in Nicaragua plaatsvond. Garifunas zijn de nakomelingen van negerslaven en de oorspronkelijke bevolking van het Caribische gebied. Zelf, zo begrijp ik aan de lunchtafel, gaan ze ervan uit dat het Caribische eiland Saint Vincent hun bakermat is. Volgens de door de Engelse Gouverneur William Young in 1795 opgetekende orale historie, zouden de Garifunas de nakomelingen zijn van verbintenissen tussen slaven afkomstig uit het hedendaagse Nigeria en de hen op Saint Vincent door de lokale bevolking toegewezen vrouwen, omdat er volgens de aldaar heersende gebruiken een taboe rustte op een man die niet was gehuwd. Zo'n beetje het scheppingsverhaal van deze etnische groep, een uitleg die ook nog eens veel te mooi is om zelfs maar een seconde aan te twijfelen.

wordt vervolgd