NICARAGUA – REIS LANGS EEN ONZICHTBAAR KANAAL - 35 (05082016)

Woensdag 16 maart 2016 – Ometepe – San Jorge – Rivas – Punto Brito – Rivas – La Union – Granada
Een lage blinde muur langs de weg trekt mijn aandacht vanwege de afbeelding die erop staat: zo'n stereotiepe Spaanse conquistador en een cacique, een lokaal stamhoofd. Op wat een rol perkament moet voorstellen, staat tussen hen in een tekst met de kopregel “DIALOGO DE LOS SIGLOS.” Twee dagen later ontdek ik in het Museo Nacional in Managua, dat de mannen op 5 april 1523 – en de dagen erna - in het dorp Quauhcapolca met de hulp van tolken lange gesprekken met elkaar voerden. De conquistador is Capitán Gil González Dávila, de naam van de cacique is Nicarao of Nicaragua, hoewel dat een interpretatiefout van de tolk zou zijn volgens bronnen die volhouden dat hij Macuilmiquiztli heette. De Spanjaard wilde maar één ding: onderwerping en trouw aan de Spaanse troon, de cacique stelde vooral vragen zoals “waarom is het dag en nacht?” en “waardoor worden warmte en kou veroorzaakt?” Te moeilijk voor de conquistador die zich ervan afmaakte met “het is het werk van God....” Hoe dan ook, waar ik sta moet zo'n beetje de geboorteplaats van het huidige Nicaragua zijn.

San Jorge – Rivas – Tolo, de stadjes lopen vrijwel in elkaar over. Punto Brito ligt binnen de gemeentegrenzen van Tolo, waar we kort aan de rand van het Parque Central stoppen bij een vrouw die vissoep verkoopt. De vaste ingrediënten zitten in koelboxen, de vloeistof in een thermosfles. Alles wordt in een beker gedaan, waarna er langs de weg kan worden gesmuld. Aan de overkant koop ik als toetje wat bananen, vruchten die in dit land vrijwel niets kosten want ze zijn er in overvloed. Achttien kilometer voor het populaire strand van Pie del Gigante slaan we linksaf naar Punto Brito, er is geen richtingaanwijzer, de weg is onverhard, er woont vrijwel niemand. Het vrachtvervoer gebeurt met een wagen die wordt getrokken door twee ossen, personenvervoer is per paard. De streek is buitengewoon droog en dus bruin en wacht zo te zien met smart op het regenseizoen dat in mei begint. De weg wordt al maar stoffiger en is vrijwel verlaten. De “brug” over een droge rivierbedding bestaat uit stevige losliggende houten planken, meer niet. De loop van de rivier is net als in Zuid-Afrika te volgen door middel van het groene bomen- en struikenlint dat door het verder dorre landschap loopt. Volgens Erik zal het kanaal door deze bedding worden aangelegd “maar ik weet het niet zeker,” voegt hij daar gelijk aan toe. Zo is ook de goede begaanbaarheid van de weg een verrassing voor hem, dat zal echter snel veranderen. De weg van aangestampte aarde vermengd met stenen en keien, verandert in een onverharde weg waar nooit iets aan gedaan wordt en waar de elementen de vrije hand hebben gehad. Op ongeveer gelijke hoogte houdt de elektrificatie op, geen palen meer, geen in de lucht hangende kabels meer. De weg, of wat daar voor doorgaat, zou in de regentijd inderdaad onbegaanbaar zijn geweest voor onze personenauto. De diepe door voertuigen in de modder getrokken sporen zijn nu droog en de ondergrond is hard, met voorzichtig sturen en door langzaam te rijden is het echter goed te doen. Aan de linkerkant plots een rivier waar een paar mannen aan het vissen zijn. Erik verandert van gedachten, niet de droge bedding van zo net maar dit moet de rivier zijn waar het kanaal komt.

Aanspreekbare mensen in de streek die totaal op de schop zal gaan! Daar moet van worden geprofiteerd. Alexander Medina heet de spraakzame jonge man met overgewicht. “Nee, het kanaal komt niet hier, maar een paar honderd meter naar het zuiden. Het tracé is verlegd omdat er hier – het mangrovebos op de andere oever – een unieke biotoop is.” De mangrove wijst op brak water, de oceaan kan niet ver weg zijn. We praten wat over mijn interesse voor het kanaal en gaandeweg weef ik daar mijn vragen doorheen. “Wat vinden de mensen hier van het kanaal?” “Het is misschien goed voor Nicaragua, maar wij zijn tegen!” Hij vertelt dat er door de bewoners van Brito is geprotesteerd toen op het gemeentehuis een informatiebijeenkomst werd gehouden. “We werden door een politiekordon tegengehouden en bij het gemeentehuis weggehouden. Hebben jullie niet gezien hoe slecht de laatste paar kilometer van de weg zijn en dat het licht zo maar ophoudt?” Dat beaam ik. “Het is om ons te straffen omdat we hebben geprotesteerd en tegen het kanaal zijn.” Ik wil weten waar het dorp precies ligt, hoe ver het nog naar de oceaan is en of we daar gemakkelijk kunnen komen. We kunnen nog zo'n 200 meter doorrijden, tot aan de militaire wachtpost en de rest naar de oceaan is aan te lopen. Hooguit 500 meter. Waar Alexander en zijn dorpsgenoten tegen zijn, is dat er voor de aanleg van het kanaal land onteigend zal worden. “Dat gaat zeker tegen de marktwaarde?” Het is vragen naar de bekende weg, want het antwoord ken ik al. “Was dat maar waar!” reageert hij verontwaardigd, “het gaat tegen de kadastrale waarde.” Dat blijkt de waarde te zijn die in het kadaster werd geregistreerd toen het land of het huis werd gekocht. “Als je 20 jaar geleden hebt gekocht, krijg je die waarde terug terwijl het ondertussen veel meer waard is geworden. We worden bestolen, we worden belazerd!” Erik staat met bijna open mond te luisteren, “dit is voor het eerst dat ik dit allemaal hoor.” Alexander gaat verder met vissen, wij gaan op zoek naar het dorp en de oceaan.

wordt vervolgd