DAN MAAR NAAR SENEGAL EN SĂO VICENTE - 29 (23102016)

Zaterdag 25 juni 2016 – Mindelo (Săo Vicente)
Germano Almeida beaamt dat er de laatste jaren veel is veranderd in Mindelo en gaat opnieuw op zoek naar het boek dat hij mij wil geven. Ondertussen klets ik met Nuno en vertel hem dat ik reisverhalen schrijf en ook over deze ontmoeting zal schrijven. “Het is allemaal de schuld van je vader dat ik naar Boa Vista ben gegaan en nu hier ben.” Hij vertelt dat door aan zijn vader als die terugkomt van nogmaals vergeefs zoeken. De schrijver is eerder deze week teruggekomen van een verblijf van een paar maanden in Portugal. Hij tobt met zijn gezondheid, maar het gaat weer beter. De boeken die ik heb meegebracht worden van een opdracht voorzien en gesigneerd. Ik lees hem een flaptekst voor “Van Almeida mag meer worden vertaald – NRC Handelsblad.” “Dat zou ik ook wel willen, maar ik hoor tegenwoordig niet zoveel meer van mijn Duitse agent.” Snel nog een paar vragen. Dat ik alleen het clubhuis van de voetbalclub Mindelense heb kunnen vinden, waar is dat van Sporting? “Dat is mijn club uit Boa Vista.” En of het huis waar hij woont, model heeft gestaan voor het huis van senhor Araújo, dat immers in dezelfde wijk werd gebouwd? “Nee, dat was een huis iets hoger op de heuvel.” Of hij nog schrijft? “Hij moet wel,” zegt Nuno “mijn vader is ZZP-er, je weet wel Zelfstandige Zonder Pensioen, Zelfstandige Zonder Poen!” Zijn nieuwe boek “Regresso ao Paraiso – Terug naar het Paradijs” ligt inmiddels in de winkel, daarin vertelt hij opnieuw verhalen die op zijn eiland Boa Vista spelen. De mij toegemeten tijd zit er op, ik ga terug naar mijn hotel aan de Rua Lisboa, de kaarsrechte straat waar senhor Araújo leerde auto rijden.

Na me te hebben omgekleed, ga ik terug naar het culturele centrum. De deuren staan open! “Maar Germano Almeida is in Portugal,” zegt de boekverkoper terwijl hij het door mij gekochte “A Ilha Fantástica” afrekent. Ik heb de twee gesigneerde boeken bij me en laat hem die zien. Met nu drie boeken in de hand ga ik op een terras koffie drinken en blader door “het Testament.” Nadat senhor Araújo door een schrijffout tienduizend paraplu's had gekocht in plaats van duizend, baalde hij uiteraard stevig. Op Săo Vicente regent het zelden tot nooit en hij had berekend er maximaal honderd per jaar te zullen verkopen. Hij dacht door de vertegenwoordiger van de paraplufabriek te zijn belazerd, maar ontdekte achteraf dat hij zelf de fout had gemaakt en zat nu opgescheept met een voorraad regenschermen tot aan het eind van zijn leven. Toen gebeurde er een wonder: het begon te regenen en het hield niet meer op. Bij de verkoop van tweeduizend paraplu's zou hij uit de kosten zijn, maar dankzij de aanhoudende regen werden alle tienduizend paraplu's binnen een paar dagen verkocht. Senhor Araújo verdiende een fortuin. Om dat te vieren ging hij champagne drinken in Café Royal, schuin tegenover waar ik zit. Vandaag heb ik te vieren dat ik Germano Almeida heb ontmoet en besluit straks in Café Royal te gaan lunchen.

Het gebouw waarin het café-restaurant op de begane grond is gevestigd, is verschrikkelijk verkeerd gerenoveerd. In mijn ogen althans. Het interieur is behoorlijk gedateerd, de dagschotel is uitverkocht. Weggaan of blijven? Blijven natuurlijk, want ik kom hier nooit meer terug. Een tonijnsteak dan maar die bij het afrekenen twee maal zo duur blijkt te zijn als de dagschotel. Voor het prijsverschil heb ik de ruimte echter wel uitgebreid kunnen bekijken en fotograferen, bovendien ben ik onbewust in het het “Césaria Évora-circuit” beland, iets dat tijdens de culturele wandeling van donderdag niet eens werd genoemd. Nou ja, met uitzondering van het toevallige bezoek aan haar graf dan. Op de gevel van Café Royal is een bordje geschroefd waarop staat dat ze er optrad, op een ander gebouw staat dat ze er naar de kapper ging. In het huis waar ze tussen 1975 en 1991 woonde, zit nu een door Chinezen gerunde winkel van sinkel. In het café kijk ik tijdens de maaltijd – prima stuk tonijn trouwens – naar een klein podium met een groot geschilderd portret van de zangeres. Verder is het er zonder haar en zonder senhor Araújo vooral vergane glorie.

Zondag 26 juni 2016 – Săo Vicente – Santiago
Zoals ik al vreesde, vergeet de nachtwaker mij te wekken. Ik was vannacht de enige gast in het city boutique hotel, het personeel dat er werkt, trekt om 5 uur 's middags de deur achter zich dicht en laat de gasten dan verder aan hun lot over. Toen ik hem gisteravond vroeg om mij wakker te maken, stond hij al op het punt in een diepe slaap te vallen. Ik vertrouwde het voor geen cent en heb daardoor onrustig geslapen, want mijn vliegtuig naar Praia missen is het allerlaatste wat ik wilde. Allemaal gedoe voor niks, besef ik eenmaal op het vliegveld aangekomen. Het is buiten nog donker en binnen schemerig: het vliegveld is nog niet eens open. Rond zes uur arriveren de personeelsbusjes, gaat de verlichting aan en worden de computers opgestart. Ik zie minstens twee vrouwelijke personeelsleden met een grote Action boodschappentas sjouwen, Kaapverdië en Nederland liggen veel dichter bij elkaar dan de kaart doet vermoeden.

wordt vervolgd