VERHUISARREST – 2 (12082017)

Begin april 2017. Tijdens de lange terugreis van Colombia via Nederland naar Buenos Aires is er meer dan genoeg tijd om na te denken over twee vragen die te maken hebben met mijn voorgenomen terugkeer naar Europa: wil ik mijzelf voor de rest van het jaar “huisarrest” opleggen in Argentinië én waar ga ik wonen? Na 30 jaar in Afrika, Latijns-Amerika en de Cariben te hebben gewoond, gewerkt en gereisd, bekroop mij gedurende die week of zo die ik tijdens de heenreis in het vaderland was meerdere keren het gevoel nog niet klaar te zijn om er voor de rest van mijn leven te gaan wonen. Dat heeft heel erg te maken met de – zo ervaar ik het tenminste – overdadige welvaart, die als je niets anders bent gewend natuurlijk vanzelfsprekend is. En het is het land waar, in tegenstelling tot de landen waar ik de afgelopen decennia woonde, de euthanasieklinieken “de vraag” niet aankunnen, omdat steeds meer mensen door de goede economische en sociale omstandigheden veel langer leven dan ze zouden willen. Bijna net zo curieus is het Argentijnse douanevoorschrift dat, omdat ik de afgelopen jaren meer dan 120 dagen buitenslands was, mijn boeken en meubels, mijn potten en pannen en mijn kunst niet met mij kunnen verhuizen, maar moeten worden geëxporteerd. Én dat er daarom een exportheffing moet worden betaald. Hoeveel? Dat schijnt afhankelijk te zijn van de stand van de maan op de dag dat de douane-ambtenaar de aangifte in behandeling neemt. Niemand die het weet. Hoe dan ook, ik ben het al snel met mijzelf eens: ik ga op zoek naar een huis in Frankrijk en ik wil me niet voor een onbekend bedrag laten gijzelen. Maar vanwege de papierwinkel die dat laatste met zich mee schijnt te brengen, is er tot nu toe geen verhuizer bereid om mij te verhuizen.......

Dankzij de tussenkomst van een landgenoot krijg ik van Alejandra eind mei zowaar een offerte voor de verhuizing en na maanden van stilte zijn er begin juni opeens weer kijkers voor mijn appartement. Binnen een half uur kondigt de makelaar op een dinsdag niet één, maar zelfs twee potentiële kopers aan. De eerste komt namens iemand anders kijken, maar de kijkers daarna zijn superserieus. Tijdens het weekeinde komen ze met aanhang nog eens bij daglicht kijken, maandag volgt een openingsbod. Na het ook hier rituele heen en weer gepraat, wordt de koop een dag later gesloten. Zonder verder na te denken laat ik Alejandra weten haar offerte te accepteren, als dank stuurt ze mij een waslijst van documenten die nodig zijn om mijn spullen te mogen verschepen. Behalve een verklaring van de Nederlandse ambassade moet ik onder andere bij de Argentijnse grenscontroleurs een overzicht van mijn komen en gaan in het afgelopen jaar aanvragen. Dat is hier geen probleem omdat iedere keer als je de grens oversteekt dat nauwkeurig wordt geregistreerd. Daarnaast moet ik bij het Ministerie van Cultuur een nogal gedetailleerd verzoek indienen om de kunstwerken – zowel echte als vermeende – die ik in huis heb, mee te mogen nemen. Dat ik kan aantonen dat ik de meeste bij me had toen ik in 2001 in Buenos Aires kwam wonen, doet er niet toe. Eenmaal binnen de landsgrenzen wordt het als Argentijns cultureel bezit beschouwd, tot en met de objecten die ik de vorige eeuw in Lagos op de Lekki Market heb gekocht. Braaf doe ik alles wat men van mij verlangt en betaal wat betaald moet worden, want anders verhuis ik nooit. In de laatste volle week van juli wordt mijn inboedel ingepakt en, in afwachting van de douanecontroles, opgeslagen in de loods van de verhuizer. Het wachten is op de eerste controle met snuffelhonden voordat de container mag worden beladen, bij de tweede controle wordt de container op de terminal door de scanner gehaald zoals een koffer op het vliegveld. Bij beide controles dien ik persoonlijk aanwezig te zijn. Volgens Alejandra duurt dat twee, hooguit drie weken. Voor de zekerheid koop ik een ticket om pas begin september terug te vliegen naar Europa en huur tot het zover is een gemeubileerd appartement.

Paniek! Het door Alejandra gesuggereerde verzoek om vrijstelling van exportbelasting te betalen is afgewezen! Terwijl zij er zeker van was dat op die manier de “120 dagen regel” zou kunnen worden omzeild en ik overduidelijk had laten weten bereid te zijn te betalen wat men zou vragen. Formeel en/of informeel, als u begrijpt wat ik bedoel. Niet dus. De ambtenaar die mijn dossier vervolgens moet gaan behandelen vraagt: “Is die man al meer dan zes maanden het land uit?” Na het antwoord “Nee, hij is nog hier,” weigert hij om het dossier in behandeling te nemen. Wat nu? Niemand die het weet,. Maar wat zeker is, is dat ik voorlopig vastzit in Buenos Aires. Is dat erg? Tot begin september maakt het niet zoveel uit, want hoewel ik hier al ruim 16 jaar woon, heb ik nog het een en ander op mijn verlanglijstje staan waar ik nooit aan toe ben gekomen. Desondanks voelt het toch alsof mijn “verhuisarrest” in Argentinië voor onbepaalde tijd is verlengd.