|
COLOMBIA – OVER AFRO'S, BOTERO, ESCOBAR & GARCÍA MÁRQUEZ - 56 (22102017) Maandag 27 maart 2017 – Cartagena de Indias Terwijl ik teleurgesteld verder loop, zie ik El Heraldo boven een deur staan. Was dat niet de krant waar Gabo zijn journalistieke carrière begon? De enige manier om daar achter te komen, is naar binnen te gaan en te vragen. De baliemedewerkster weet van niets, maar roept iemand. Aldus maak ik kennis met Wilfred Arias, fotograaf, aan wie ik moet vertellen waarom ik in Colombia ben en waarom in Cartagena. Als ik vraag of García Márquez hier op de redactie heeft gewerkt, bevestigt hij dat die in Cartagena bij concurrent El Universal werkte en daarna bij El Heraldo maar wel in Barranquilla. “Dit hier is maar een bijkantoortje.” Hij start zijn computer en gaat naar zijn archief op zoek naar foto's van de schrijver. “Een paar jaar geleden was hij in zijn huis hier in Cartagena. Daar stonden wij met een groep fotografen als paparazzi te wachten om een foto te kunnen schieten. Het werd steeds warmer en iedereen ging weg, behalve ik. Het werd al donker toen ik zag dat Gabo zich ging omkleden. Hij keek naar buiten en zag mij. Het raam ging open en hij riep “Sodemieter toch op!” waarop ik antwoordde dat ik dat zou doen nadat ik een foto van hem gemaakt zou hebben. “Doe dat dan maar en laat me verder met rust.” Zo gezegd, zo gedaan.” Hij laat de foto's zien en vraagt of ik een USB bij me heb. Nee dus. Daarna laat hij foto's zien van de ceremonie waarbij het gezin García Barcha aanwezig was, maar zoekt tevergeefs naar de beelden van de onthulling van het monument waarin zijn urn staat. We spreken af dat ik daarvoor woensdag nog een keer terug zal komen, maar ondertussen zoekt hij verder en vindt een foto van hemzelf met de schrijver. “Waar is dat huis van Gabo eigenlijk?” Drie straten verderop. “Weet je trouwens dat er hier een stichting van is?” Nee, dat weet ik niet. Hij wijst mij de weg, ik ga er op af. Het klopt niet helemaal, maar ik bof. De veilgheidsman aan wie ik vraag of hij weet waar de Fundación Gabriel is gevestigd, pakt mij bij de arm. We lopen door de winkelgalerij die hij bewaakt naar de volgende straat, slaan linksaf en na een meter of 20 staan we voor de deur waarnaast het bordje met de naam FNPI op de muur is geschroefd. “Hier is het, wil je aanbellen?” Ik bedank de man en bel aan, zeg wie ik ben en de deur gaat zonder gezeur open. Twee trappen op, de voordeur daar gaat open. Ik stap naar binnen en leg aan de receptioniste uit dat ik graag iets meer zou willen weten over de Fundación. Ze pakt de telefoon op en spreekt met iemand. “Neemt u plaats, er komt zo dadelijk iemand om u verder te helpen.” Na een paar minuten komt Carlos, die het heel gewoon vindt dat ik binnen ben komen lopen. Hij vertelt over de in 1994 door García Márquez opgerichte Fundación para el Nuevo Periodismo Iberamericano met als doelstelling excellente journalistiek in Ibero-Amerika te bevorderen. Gabo was journalist, vond zichzelf meer journalist dan schrijver en is tot en met een van zijn laatste boeken – Ontvoeringsbericht uit 1996 – journalistiek blijven bedrijven. Carlos laat me alle ruimtes van het niet al te grote kantoor zien, overal hangen foto's van Gabo. Als afscheidscadeautje krijg ik zo'n ouderwets verslaggeversblocnoteje met op de voorkant uiteraard een uitspraak van de oprichter van het instituut: “Recuerdan muchachos – Denk eraan jongens, een bericht is nooit af en nooit helemaal verteld.” wordt vervolgd |