COLOMBIA – OVER AFRO'S, BOTERO, ESCOBAR & GARCÍA MÁRQUEZ - 72 (17022021)

Epiloog - 8
Na nog maar net een paar dagen terug te zijn in Europa lees ik in de vaderlandse trein in het gratis dagblad Metro een artikel met de kop: Als jongere aan de slag in de uitvaartbranche: veel kansen. Dat is voor mij zoiets als het intrappen van een open deur, want mijn eigen generatie, die van de naoorlogse geboortegolf, is inmiddels heel langzaam, maar heel zeker toch aan de beurt om uit te gaan stappen? In Colombia bestonden die carrièrekansen sowieso al vele jaren dankzij het drugsgeweld in Medellín en omstreken en de langgerekte burgeroorlog met de FARC en de ELN. En wat te denken van de falsos positivos? Het schandaal waarbij militairen onschuldige burgers doodden – feitelijk vermoordden – en die dan als gesneuvelde guerrillas rapporteerden en telden. Want ja, afhankelijk van het aantal gedode opstandelingen werden prestatiebeloningen betaald..... Je moet er maar op komen. Generaal Mario Montoya is de hoogste in rang van de 2.744 militairen die daarover uitleg mogen komen geven voor het speciale tribunaal dat aan het einde van de burgeroorlog werd opgezet om tijdens die oorlog begane misdaden tegen de mensheid nader te onderzoeken. Kort na mijn vertrek droeg ook de natuur haar steentje bij nadat door zware regenbuien veroorzaakte overstromingen rond de stad Mocoa honderden mensen om het leven kwamen in de aardverschuivingen en modderstromen die dat weer tot gevolg had. Hoewel het tijdens mijn reis niet vaker dan hooguit 3 of 4 dagen 24 uur aaneengesloten droog was, heb ik achteraf bezien dus weinig te klagen. Dat alles met dank aan El Niño, een fenomeen veroorzaakt door een sterke opwarming van het koele zeewater in het oostelijke deel van de Stille Oceaan ter hoogte van de evenaar, zeg maar ter hoogte van het noordoosten van Peru, Ecuador en het zuidwesten van Colombia. Wat mij betreft is het enige leuke aan El Niño hoe het aan zijn naam komt, die het ergens in de 17e eeuw van in de kleine bootjes vissende Peruaanse zeevissers kreeg, lang voordat de zeevisserij een industrie werd. Doordat de vis als het oceaanwater plots begon op te warmen naar het koudere water trok, werd het vangen makkelijker én omdat als het gebeurde het rond de Kerst was, noemden ze het El Niño de Navidad, het Kerstkind.

In hoofdstuk III van zijn boek Che is hier – met als ondertitel een roadtrip door Latijns-Amerika – reist schrijver/journalist Bram de Graaf door Chili. Het is een land dat ook ik goed ken, van Punta Arenas in het diepe zuiden tot Arica dat in de noordelijke Atacamawoestijn vrijwel op de grens met Peru ligt. Dat zijn ergens tussen de 4 en 5 duizend kilometers, daarbij stelt op de kaart de breedte van het land – van halverwege de Andes waar de grens met Argentinië ligt tot aan de Stille Oceaan – niet veel voor. Hoewel...... vanaf de hoofdstad Santiago de Chile tot aan het Paaseiland, dat ook Chileens grondgebied is, is bijna 4 duizend kilometer over het water en zelfs die heb ik heen en weer gevlogen. Derhalve dacht ik mee te kunnen praten over Chili totdat Bram begint te vertellen over iets waar ik in Santiago nooit naar binnen ben gelopen voor mijn café cortado: een Café con Piernas. Letterlijk vertaald: een koffiebar met benen, een soort Starbucks maar dan zonder benen en wat er verder zo al bij hoort. In Santiago bestaat de bediening uit behoorlijk kortgerokte en laaggedecolleteerde jonge vrouwen van wie de bedrijfskleding steevast minstens een maat te klein is en die een kont hebben waar je “U” tegen zegt en idem borsten. Dat allemaal om je tot een tweede kopje koffie te verleiden en desgewenst soms tot iets meer. Dat volgens zeggen althans. Hoe zouden daar de sollicitatiegesprekken eigenlijk verlopen? Of zou er alleen maar worden gekeken? En, zo schrijft de Graaf als het over de buitenlandse vrouwen gaat die er over het algemeen werken: “ook de meisjes in de café con piernas-bars zijn voornamelijk Colombiaans. Die hebben de mooiste billen van alle Zuid-Amerikaanse vrouwen.” Dat laatste beweert de hem begeleidende Ricardo tenminste. De enige stevige vrouwenbillen en borsten die mij na ruim vier weken Colombia zijn bijgebleven, zijn die van de beelden van Fernando Botero in Medellín waarvan je zeker kon weten dat ze niet echt zijn, maar al die billen van vlees en bloed? Een vraag die ook al bij me opkwam nadat in december 2020 het 30-jarige model Joselyn Cano, volgens haar miljoenen volgers op Instagram de Mexicaanse Kim Kardashian, in Colombia het leven liet toen ze daar haar toch al flinke achterwerk nog groter aan het maken was door middel van een Brazilian Butt Lift. Ze was er terecht gekomen nadat de Braziliaanse plastische chirurg die haar achterste al eens eerder had vergroot, het te riskant had gevonden dat nog groter te maken en brandde toen dus haar billen voor de allerlaatste keer.

epiloog - 9 en slot volgt