KLEIN BEETJE HEIMWEE NAAR BUENOS AIRES – 2 – VILLA MISERIA (12032022)

Na zo'n 30 jaar op het zuidelijk halfrond te hebben gewoond en gewerkt, is het alweer de vierde Europese winter sinds ik van Buenos Aires aan de Río de la Plata naar een stadje gelegen aan la Meuse aan de rand van de Franse Ardennen verhuisde. Tijdens die Europese wintermaanden – wanneer het volop zomer is aan de andere kant van de evenaar – met die korte en vaak sombere dagen, soms wat sneeuw, regelmatig overdadige regenval en/of een harde koude wind en met gevoelstemperaturen van onder of maar net boven het vriespunt, overkomt het me wel eens dat ik terugverlang naar het zomerse Buenos Aires. En als ik dan ook nog eens, zoals deze week gebeurde, word opgebeld, appjes en mails daar vandaan krijg en er op het internet uit het niets berichten over Buenos Aires staan, bekruipt me een licht gevoel van heimwee naar die andere kant van de wereld.

Aan het begin van de week, bij het voor dag en dauw koppensnellen van een aantal digitale kranten, viel op de website van het Algemeen Dagblad gelijk deze kop op: Beeld Anne Frank teruggevonden in Buenos Aires. Dat het koperen beeldje van Jet Schepp, een in 2014 onthulde kopie van het beeld dat in Amsterdam op het Merwedeplein staat, was gestolen, had ik trouwens gemist. Geen wonder, want bij het lezen van het artikel bleek dat het was gejat terwijl ik lag te slapen: In minder dan twaalf uur na de verdwijning dook het beeld op in ‘Barrio 31', een arme en gevaarlijke wijk in de hoofdstad. Ik was meteen klaarwakker. Hoewel mijn korte geheugen niet meer optimaal fuctioneert, gaat het met het lange geheugen nog goed. Dat vind ik zelf tenminste. Na in de 3 jaar ervoor in Rio de Janeiro te hebben gewoond en in de bijna 10 jaar daar weer voor in Lagos, herkende in Buenos Aires vanaf het balcon van mijn tijdelijke onderkomen moeiteloos de sloppenwijk aan de andere kant van een breed spoorwegcomplex. In Rio de Janeiro zou het een favela worden genoemd. Pas later bedacht ik dat al die treinrails als een soort ijzeren gordijn de grens vormden tussen de welvarende en minder welvarende wijken aan die kant van de stad. Dat verraste me nogal, omdat Argentinië aan het begin van deze eeuw in Latijns-Amerika bekend stond als een rijk land, waar de Argentijnse Peso evenveel waard was als de Amerikaanse Dollar – 1 op 1 – en waar het, zo weet ik uit eigen ervaring, in winkels of waar dan ook niet uitmaakte of je met Pesos of met Dollars betaalde. Economisch gezien plaatste dat beide landen toch op hetzelfde niveau? Die villa miseria, zoals Argentijnen een sloppenwijk noemen, aan de overkant van het spoor was Villa 31, de Barrio 31 waar Anne Frank was teruggevonden.

Het plein vanwaar het beeldje werd ontvreemd, Plaza Reina de Holanda, ligt in Puerto Madero. Het door Euardo Madero bedachte en ontwikkelde havengebied dat tegen het eind van de 19e eeuw was aangelegd om schepen te kunnen ontvangen die niet in de haven van La Boca konden afmeren. Die gegraven havens werden door de groter wordende schepen echter al vrij snel weer nutteloos. Zoals met de Rotterdamse stadshavens gebeurt, wordt Puerto Madero sinds een jaar of 25 herontwikkeld tot een chic woon- en werkgebied waar, net zoals in Rotterdam, veel van de overbodig geworden gebouwen worden verbouwd tot woningen, kantoren en hotels. Zo verhuisde de Nederlandse ambassade er naartoe en nam de toenmalige ambassadeur het initiatief om aan de voet van de oude graansilo's van de Molinos Río de la Plata – bouwjaar 1902 – zo'n 100 jaar later de Plaza Holanda aan te leggen, zonder de Reina. Het plein had een lange oranje gekleurde betonnen muur met ervoor een klein koperen beeldje van Tineke Willemse Steen, een kopie van haar Meisje in fontein dat in Apeldoorn in een fontein(tje) staat. In Puerto Madero staat de fontein ernaast en daarom werd ze wellicht herdoopt tot la Nena Feliz, het vrolijke meisje. Tien jaar later zou ze gezelschap krijgen van Anne Frank, die hier opeens Ana Frank heette. En, net als Anne nu, werd zij in oktober 2019 door de bronsdieven gejat......

Tijdens de jaren dat ik in Buenos Aires woonde moet ik dat plein tientallen keren zijn overgestoken en langs beide beelden zijn gelopen. Onderweg naar de ambassade of naar de tussen Puerto Madero en de rivier gelegen Reserva Ecológica waar ik mijn vroege ochtendkilometers liep. Wat ik me daarvan vooral herinner is de irritatie die de naam van het plein bij me opriep en deze week opnieuw: Plaza Reina de Holanda. Vernoemd naar de koningin van een koninkrijk dat nooit heeft bestaan. Het Graafschap Holland, de provincies Noord- een Zuid Holland, maakte immers deel uit van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en daarna van het Koninkrijk der Nederlanden, el Reino de los Paísos Bajos? Maar ja, de ambassadeur van toen zal wel een Hollander zijn geweest en niet, zoals ik, het kind van een in de provincie Utrecht geboren vader en een Friese moeder die per se geen Hollanders maar Nederlanders wilden worden genoemd. En ik dus altijd ook nog.