GRAFHEUVEL - 7 (28062022)

Spiegelbeeldig geschreven teksten lezen is niet een van mijn sterke punten. Daarom heb ik in de tijdelijke expositieruimte van KLeiGoed een foto gemaakt van de mal voor een gevelsteen uit de fabriek van Dericks&Geldens waarop een man een door twee paarden getrokken ploeg aanstuurt – overduidelijk een boer - met twee regels onleesbare tekst erboven en, in een ander lettertype, twee regels onleesbare tekst eronder, om die later op mijn gemak te ontcijferen. Dat doende ontdek ik dat het de laatste regels zijn van J.W.F. Werumeus Buning halverwege de jaren 30 van de vorige eeuw gepubliceerde Ballade van den Boer:

            Een stem sprak tot aarde, hemel en zee
            En de boer heeft haar gehoord
            Terwille van den boer die ploegt
            Besta de wereld voort

En na die met mjn hedendaagse ogen toch wel wat overdreven religieuze ballade te hebben gelezen, zou ik best eens willen zien in welke gevel of in welke gevels die steen ooit is gemetseld. Omdat dan met eigen ogen te gaan bekijken en aan de bewoners te vragen wat het hun zegt. Wie weet.....

Vanaf het terras tegenover de kerktoren van één van de weinige horecabedrijven die in Druten op maandag open is, heb ik in afwachting van mijn broodje kroket – iets dat buiten Nederland nergens elders ter wereld is te krijgen en waar ik opeens verschrikkelijk veel trek in heb – even niets beters te doen heb dan onbedoeld de mooie patronen te ontdekken in het metselwerk van de vier blinde boograampjes die in de kerktoren de onderkant vormen van het grote glas-in-lood raam boven de kerkingang en de daar weer boven gelegen twee blinde raampjes aan de buitenkant van een rijtje van vier glas-in-lood boograampjes. Subtiele patronen die je totaal ontgaan als je op straat langs de toren loopt, patronen waarover bij het ontwerpen zichtbaar goed is nagedacht. Want zeg nou zelf glas-in-lood daar zie je van buiten naar binnen geen moer van, waardoor die mooie metselwerkpatronen aan de buitenkant juist extra opvallen. Tenminste, als je op een terrasje er tegenover in afwachting van je bestelling naar de toren kijkt en je oog erop valt.

Als ik daarna voor de tweede keer vanmiddag over de Kattenburg loop, valt me pas echt het contrast op tussen de sobere buitenmuren van de kerk en de in vergelijking daarmee best frivole buitengevels van een aantal van de iets verderop gelegen huizen. Vooral ook omdat zowel de kerk als die huizen zijn gebouwd met vrijwel dezelfde bouwmaterialen – al dan niet geglazuurde holle bakstenen van Waalklei - uit de steenbakkerij die speciaal voor de bouw van de kerk was opgericht. De in 1878 ingewijde kerk is een neogotische kruisbasiliek waar, in ieder geval aan de buitenkant, de veel geroemde geglazuurde stenen niet zichtbaar zijn. Wat wel in het oog springt, is dat een aantal van die aan het begin van de vorige eeuw gebouwde huizen, nogal wat Jugendstil trekjes hebben en dat er, behalve dan de glas-in-loodramen, aan de buitenkant veel geglazuurde stenen en keramische elementen uit de fabriek van Dericks&Geldens zijn gebruikt. Architectonisch vormen die huizen niet echt een eenheid, hoewel er een paar door Joseph Spits, de door Pierre Cuypers opgeleide gemeentearchitect, zijn ontworpen. Zoals het huis op nummer 7, waarin hij zelf met zijn familie zou gaan wonen, het pand op nummer 13 dat in opdracht van de gerechtsdeurwaarder Karel Willem Kelly werd gebouwd, het herenhuis op nummer 14 voor de familie Geldens – inderdaad van de familie van de fabriek – en het imposante huis op nummer 15 dat werd gebouwd voor Louis Dericks – van de andere familie van de fabriek. Boven zijn eigen voordeur en die van nummer 13 werden Jugendstil tegeltableaus geplaatst, alle huizen hebben raamlijsten van geglazuurde stenen, lijsten van geglazuurde stenen langs de hoeken van de buitenmuren en rond de voordeur die ernaast een keramische brievenbus heeft. Ergens in een zijmuur van nummer 15 is er zelfs een keramisch engeltje met gaatjes in haar buik te zien dat het ventilatierooster van het toilet of de badkamer moet zijn, de meeste huizen hebben tuile du nord geglazuurde dakpannen tot en met gedecoreerde schoorstenen. Nee, in vergelijking daarmee stelt de kerk van Cuypers, met aan de straatkant in de zijgevel kruisbeuken die op een rijtje huisjes lijken en met een overdadige – wat mij betreft totaal overbodige - hoeveelheid torens en torentjes die als wildgroeiende bomen en boompjes op het dak staan, niets, maar dan ook helemaal niets voor.

wordt vervolgd