HANS EN GRIETJE IN AARDENBURG - 12 (01122022)

Wat me bij een bezoek aan het vaderland iedere keer toch wel ergert, is het toenemende gebruik van Engelse woorden en uitdrukkingen in onze eigen taal. Na al meer dan de helft van mijn volwassen leven in het buitenland te wonen, is het Iets dat mij wellicht meer opvalt dan degenen wiens vaste woon- en verblijfplaats het hun levenlang al is. Maar waarom moeten zelfs hier in Aardenburg, net aan de Nederlandse kant van het ooit zo taaltrotse Vlaanderen, een paar niet-Engelstalige kunstenaars aan hun geëxposeerde werk zo nodig een Engelse titel geven? Zo kregen in het huis aan de Burchtstraat de objecten van een Franstalige beeldend kunstenaar de verzamelnaam Human Things, too human om aan te geven dat het een vertaling in beelden zou zijn van Nietzske's Menschliches, Allzumenschliches, terwijl de geautoriseerde Nederlandse vertaling van het boek Menselijk al te menselijk als titel kreeg. En waarom kregen de flinke bomen en dubbelfiguren van de Vlaamse keramiste Maen Florin die in de zo'n beetje van alle kerkmeubilair ontdane en daardoor extra ruim lijkende Sint-Baafskerk kunnen worden bewonderd – en dat bedoel ik letterlijk - van de maakster de dekvlag Hidden garden of delight omgehangen? Als ze, zoals ik deed, even de tijd zou hebben genomen om te google-en, zou ze zonder veel moeite al snel hebben ontdekt dat dit zo'n beetje de titel is die Engelstaligen aan de Tuin der Lusten hebben gegeven, het waarschijnlijk uit de tweede helft van de 15e eeuw daterende meesterwerk van Jheronimus Bosch. Op het linkerbinnenpaneel van het drieluik staat een boom die wel wat weg heeft van de drakenbloedboom, een palmachtige boom die vrijwel uitsluitend groeit op in de Atlantische Oceaan gelegen eilanden stukken uit de West-Afrikaanse kust. Denk daarbij met name de Canarische- en Kaapverdische Eilanden. Daar is Bosch vrijwel zeker nooit geweest en kan de boom dus ook niet met eigen ogen hebben gezien. Volgens zeggen zou hij die echter hebben gekopieerd van een gravure van zijn ongeveer tijdgenoot de Duitser Martin Schongauer.

Op het eerste gezicht is de drakenbloedboom het tegenovergestelde van de in de vrije natuur groeiende palmsoort waardoor ons ruwhouten strandplatformpje dichterbij de evenaar aan dezelfde Atlantische Oceaan werd omgeven. Daar gingen we tijdens de jaren 90 van de vorige eeuw, toen ik in Lagos werkte en woonde, met een paar collega's en hun partners op zondag zo vaak als mogelijk naartoe om op ons gemak lekker in onze eigen taal bij te kunnen praten over wat wij in de afgelopen week zoal hadden meegemaakt. Nee, niet om te roddelen, maar om gezellig bij te kletsen! Dat waren van die palmen van het hoge type met een door de wind kromgebogen lange slanke stam, omlaag hangende lange bladeren, noten als het er de tijd voor was. Zowel de bomen op het schilderij als die van keramiek zijn lang niet zo hoog en veel steviger en ik vind die van Maen Florin en Jheronimus Bosch erg op elkaar lijken, hetgeen naderhand niet verbaast omdat de kunstenares toegeeft door het werk van Bosch te worden geïnspireerd. Die op het middeleeuwse schilderij dragen geen vruchten en hebben op de voorgrond God die het paradijselijke huwelijk van Adam en Eva inzegent. Aan die hedendaagse van keramiek in Aardenburg hangen juist veel en erg kleurige vruchten en staan op de achtergrond de mystieke dubbelfiguren van dezelfde keramiste. Eigenlijk zou ik best een van die bomen in mijn tuin willen planten, eentje met zo'n ruim twee meter hoge stam met bladeren aan de bovenkant die op de gespreide vingers van een opgestoken open hand lijken, daaronder veelal twee op de stam geplante kleurige vruchten – trossen bolletjes of een op een grote peer lijkende –, nog wat bladeren aan de stam met daaronder nog twee vruchten en tenslotte de wortels die het meest op de uitgestrekte tenen van een echte voet lijken. Inderdaad net een stuk of tien keer de boom van Bosch.

De beelden van keramiek zijn relatief groot/hoog en veel bestaan duidelijk zichtbaar uit een apart gebakken boven- en onderstuk. Beelden te groot voor één oven? Storend? Een beetje of is het even wennen? Het is allemaal recent werk van de keramiste, maar laat zich dus in die twee totaal tegenovergestelde thema's verdelen. Aan de ene kant die opgewekt gekleurde, stoere en toegankelijke bomen, aan de andere de werken die bestaan uit twee mysterieuze figuren van wie de lichamen een opgerekte lange S vormen, met op de rug van sommige een vleugeltje geplant dat precies lijkt op een blaadje aan de stam van de bomen ietsje verderop en waarvan er aardig wat een maskertje hebben op de plaats van het gezicht. Niets is gladgestreken zoals huishoudelijke keramiek, alles heeft een profiel dat benadrukt dat hier met zo te zien gehandschoende handen hard aan de vormgeving is gewerkt. Supermooi gedaan!

wordt vervolgd