HANS EN GRIETJE IN AARDENBURG - EPILOOG (23122022)

Achteraf verbaast het me Petronella Moens' roman Aardenburg, of de onbekende Volksplanting in Zuid-Amerika – voor het eerst gepubliceerd in 1817 - probleemloos te hebben kunnen bestellen en thuisbezorgd te hebben gekregen. Én dat die eerste uitgave zonder moeite als e-boek op mijn beeldscherm kan worden doorgebladerd. Waarom? Omdat de woorden neger en negerin er meerdere malen in voorkomen – zo heet hoofdstuk 10 “DE AANKOOP VAN NEGERS EN NEGERINNEN” - terwijl dit soort woordgebruik in de huidige discussie over politiek correct taalgebruik voor het Museum Maassluis de afgelopen zomer aanleiding was om twee geëxposeerde werken van Jeanne Bieruma Oosting van de muur te halen. Die in 1963 – 60 jaar geleden dus - in San Francisco gemaakte kleurrijke tekeningen van Afro-Amerikaanse vrouwen had de kunstenares toen namelijk de titel “Drie negerinnen” en ”Negerin in tearoom” gegeven. Het schilderij waarop zij op de achterkant “Portret van een neger” had geschreven, mocht in een museum in Zutphen wel blijven hangen, daar veranderde men de titel gewoon naar wat er op het doek is te zien: “Man in geel hemd” in plaats van het woord dat niet langer zou mogen worden gebruikt te vervangen door n-woord. Hoewel neger een inderdaad behoorlijk gedateerd woord is, staat het nog wel altijd in het van Dale online woordenboek van de Nederlandse taal: ne-ger (de, m/v/x/, meervoud negers) iemand met een donkerbruine of zwarte huid (door steeds meer mensen als beledigend ervaren); = zwarte. Die toevoeging tussen haakjes was de aanleiding om de door de kunstenares in 1983 aan het museum geschonken werken naar het depot te verwijzen. Zelf werd ik die bijna tien jaar dat ik in Lagos woonde regelmatig nageroepen of aangesproken met oyinbo of oyinbo pepe dat vrij vertaald uit het Yoruba – naast Engels de tweede taal in het zuidwesten van Nigeria – zoiets als bleekscheet betekent. De discussie over een vervangend o-woord met minder huidskleur erin staat daar zelfs niet op een laag pitje omdat men het te druk heeft met een ander o-woord: overleven....

In de marge van #KFA22, dat dit jaar als thema Over Grenzen heeft, exposeert heel toepasselijk de Belgische kunstenaar Delphine Boël. Toepasselijk omdat zij het resultaat is van grensoverschrijdend gedrag, lang voordat dit woord met grotere regelmaat in het dagelijks woordgebruik verscheen dan het n-woord. Sinds oktober 2020 luidt haar naam officieel Delphine van Saksen-Coburg, prinses van België, nadat de in 2013 gepensioeneerde Koning Albert II haar na lang procederen en een DNA-test uiteindelijk als zijn biologische dochter had erkend, het resultaat van een lange buitenechtelijke relatie met haar moeder Barones Sybille Selys Longchamps. Voordien was ze als jonkvrouw beeldend kunstenaar en na haar promotie tot prinses is ze dat nog steeds, eentje die zegt in haar werk persoonlijke thema's te verwerken. Wat dat betreft lijken mij die wand met vier doeken waarop ze met heel kleurrijk met acrylverf OUR FUTURE IS FUCKED heeft geschilderd of die andere wand waarop met rode neonletters Problème de Luxe staat daar goede voorbeelden van te zijn.

Na het bezoek aan Aardenburg moet ik om terug naar huis te gaan noodgedwongen de grenzen tussen Nederland en België en tussen la Belgique en la France oversteken, het enige tamelijk onschuldige grensoverschrijdend gedrag waar ik mij tegenwoordig aan schuldig maak. Nagenietend van dat snoephuisje van Hans en Grietje, de installatie van Maria Roosen waarvan de foto in de krant mij naar Aardenburg lokte, zoek ik wat meer informatie over de kunstenaar. Het is buitengewoon verrassend te ontdekken dat zij het monument Eenzaam Avontuur maakte, dat in 2010 ter herdenking van de 50ste sterfdag van de schrijfster Anna Blaman op de Rotterdamse Heemraadsingel werd onthuld. Het staat daar op slechts een paar honderd meter van mijn vaderlandse pied-à-terre: een superstoere zilvergrijze motor die in de verste verte niet aan de installatie in Aardenburg doet denken. De in 1960 veel te jong overleden Blaman – pseudoniem van Johanna Pertronella Vrugt - woonde nog dichterbij in de Vliegerstraat op nummer 50. Op de blinde muur aan de overkant is haar portret geschilderd dat op zonnige dagen in de ramen van haar oude huis weerspiegelt. Eenzaam Avontuur is de titel van de in 1948 verschenen roman die in gelovige kringen – en daartoe behoorde vlak na de oorlog nog vrijwel iedereen in Nederland - veel beroering veroorzaakte omdat zij er de lesbische liefde in beschreef. Het was toen dusdanig grensoverschrijdend, hoewel het woord in deze context waarschijnlijk niet eens werd gebruikt, dat zij door collega auteurs werd “aangeklaagd” omdat het “literaire gebreken” zou bevatten en er werd zelfs gesuggereerd dat haar pseudoniem Blaman Ben Liever Als MAN zou betekenen, hetgeen door de schrijfster nooit is ontkend, noch bevestigd. Andere tijden......

slot