|
DE REUS VAN ROTTERDAM - 4 (11102023) In het hoofdstuk De Stadsvernieuwingstad van het door uitgeverij 010 gepubliceerde boek Het Oude Westen – laboratorium van de stadsvernieuwing, kom ik de woorden dwarsroutes en doorbraken herhaaldelijk tegen. Vanuit stedebouwkundig oogpunt beschouwd uiteraard. Het sociale belang ervan werd me onmiddellijk duidelijk door de reactie van een lezeres op een vorig Weekjournaal: ….. Als jarenlange bewoner van het Oude Westen een aanvulling. Je schreef dat er geen zijstraten waren. Dat klopt, geen straten maar wel 2 poorten die onder de huizen doorliepen en zo de straten verbonden. Als student vond ik het heel eng om daar 's avonds doorheen te lopen. Een van die poorten heette in de volksmond “de Bibberpoort. .... Zij woonde destijds aan het ene buitenkant van de wijk in één van de twee hofjes naast Odeon, terwijl haar geliefde aan de andere buitenkant in de Bajonetstraat woonde. “Dus voor mij waren die poorten de kortste route!” Omdat zij zich niet meer kon herinneren waar die poorten zo'n 50 jaar waren en navraag niet direct wat opleverde, vroeg ik haar de wandeling die zij in haar studententijd alleen maakte samen met mij te gaan doen. Wie weet konden we zo ontdekken waar die poorten waren voordat het Oude Westen, in mijn ogen althans, onherkenbaar werd verminkt. We beginnen tegenover de Gaffeldwarsstraat waar het hofje was waarin zij woonde. Vanuit haar huis keek ze op de rug van een Jezusbeeld dat nu in het wijkpark staat en toen in de tuin van Simeon en Anna, het weeshuis aan de Kruiskade waarin bij gebrek aan weeskinderen in die tijd al bejaarden woonden. In de loop der jaren zijn Odeon, de huizen links en rechts ervan waar de Reus van Rotterdam moet hebben gewoond, de hofjes en het weeshuis allemaal gesloopt. Odeon is op dit moment een bouwput, die oude huizen zijn vervangen door nieuwe, Simeon en Anna en de grote tuin die erbij hoorde hebben plaats gemaakt voor het wijkpark Oude Westen met zijingangen in de vroegere hofjes. De zijingangen die stevig op slot zaten aan het eind van die kletsnatte dag begin augustus toen ik op zoek was naar het beeld van de Reus: VANWEGE AANHOUDENDE OVERLAST IS HET PARK GESLOTEN. Een paar dagen later werd in de NRC uitgelegd wat die overlast betrof: Druggebruikers, bedelaars en verwarde mensen: het onbehagen onder Rotterdammers groeit luidde de de kop. Volgens buurtbewoners ging het ook om steeds meer mensen uit het Oostblok die door busjes bij het vlakbij gelegen Centraal Station worden afgezet om te bedelen en dakloze wildslapers. Daarom had de Aktiegroep Oude Westen het inititief genomen de boel van 6 uur 's middags tot de volgende ochtend 9 uur af te sluiten met ijzerschaarbestendige kettingen – speciaal gecheckt bij een ijzerhandel, waardoor mijn eerste kennismaking met de Reus slechts van afstand mogelijk was door de tralies van het hek aan de Kruiskade. Een paar dagen later kwam ik met de trein terug in Rotterdam en zag daar dat het grote beeld van de jonge Afrikaanse vrouw op het Stationsplein in korte tijd een toeristische attractie was geworden, bij de Reus was het een stuk rustiger. Er lagen wel wat mensen in de zon op het gras en hingen op de bankjes, ik was de enige die met hem kwam buurten. Deel van het monument is een deurpost die lager is dan de 2 meter 37 die hij lang was, hetgeen bij mij gelijk sympatie voor hem opriep. Hoe vaak zou hij tijdens zijn korte leven zijn hoofd niet hebben gestoten als hij vergat het naar beneden te doen? 't Is iets dat ik herken omdat in mijn 250 jaar oude Franse huis de meeste deurposten te laag zijn voor mijn 1 meter 86 waardoor ik, vooral na wat langere afwezigheid, het hoofd regelmatig letterlijk stoot en dan met bloed erop door het huis loop. Arme reus, vlak voor zijn 37ste verjaardag al overleden. We lopen door de Gaffeldwarsstraat richting Bajonetstraat door één van die door het slopen van huizen ontstane dwarsroutes om al doende misschien te ontdekken waar het bibberpoortje een jaar of 50 geleden was. Die poortjes, zo begrijp ik nu beter, waren doorsteken gemaakt in één of twee huizen, die waren bedoeld om voetgangers een lange omweg te besparen. Aan het einde van de Gaffeldwarsstraat ligt het Gerrit Sterkmanplein dat werd aangelegd waar vroeger parallel aan elkaar de Bloemkwekerstraat, de Sint Mariastraat, de Gaffelstraat en zo liepen. Voordat we het in de gaten hebben en zonder ook maar enig idee te hebben waar het bibberbpootje zou hebben kunnen zijn, staan we al in de Bajonetstraat. Thuisgekomen vind ik het antwoord van iemand die ik naar de poort had gevraagd: De bibberpoort lag verderop in de Gaffelstraat. Ik weet niet precies welk huisnummer. Ik herinner me de waterstoker die in die poort zat en de koele, muffe lucht die er altijd hing. Dus toch nog min of meer gevonden..... slot |