Deze week maar één foto>>>>

OP GLAD IJS (08-10-2002)

Na al exposities te hebben gezien in het Culturele Centrum van Recoleta en het Nationaal Museum voor Schone Kunsten, ga ik onderweg terug naar huis uit nieuwsgierigheid toch nog even naar het Palais de Glace - het IJspaleis. Onwillekeurig moet ik aan Abidjan, de hoofdstad van de Ivoorkust, denken. Daar logeerde ik jaren geleden in Hotel Ivoire, waar naast de bowlingbaan in het sportcentrum een bordje hing met de tekst "het is verboden met de schaatsen op de banen te lopen." Een bizarre ervaring in een tropisch land waar op dat moment de buitentemperatuur 40° Celsius was. De kunstijsbaan, die naast de bowlingbaan lag, was bij gebrek aan schaatsers al voorgoed gesloten en lag er duister en verlaten bij. Zelfs bij het zien van een patinoire had ik toen meer trek in een glas ijskoud bier dan in koek en zopie.

Op de ijsvloer van Buenos Aires wordt ook al heel lang niet meer geschaatst of geijsdanst. Slechts tussen 1911 en 1921 was het Palais de Glace een echt ijspaleis, daarna werd de ijsvloer bedekt met een houten dansvloer en werd het een mondaine ballroom. In 1932 was het ook afgelopen met deze danspret, het ronde gebouw werd verbouwd tot expositieruimte met de grootse naam "Salas Nacionales de Exposición" Op die voormalige dansvloer is nu een overzichtstentoonstelling te zien van de Argentijnse kunstschilder Víctor Chab. Op de galerij exposeren kunstenaars uit de provincie Tucuman onder de titel "Zamba met een Z". Daarmee wordt hun werk meteen goed gekarakteriseerd, want er zit weinig ritme of beweging in. Ik struikel haast over een imaginaire wei met schapen, stuk voor stuk niet groter dan een kindervuist, gemaakt door Marcos Figueroa. In al het getoonde werk van Figueroa staat "het schaap" trouwens centraal, waarom is onduidelijk. De grootformaat naakten van Victor Quiroga spreken voor zichzelf, maar wat Rolo Juárez bedoelt met zijn bollen fijn ijzerdraad met stukjes plactic pijp is een raadsel. Het enige wat de Tucumanen met elkaar gemeen hebben, is dat zij uit dezelfde provincie komen en vanaf de galerij mogen toekijken hoe beneden een échte meester zijn oeuvre toont.

Victor Chab werd in 1930 in Buenos Aires geboren. Zijn ouders waren Damascener Joden, die via Cuba in Buenos Aires terecht waren gekomen. Chab wist al bij het verlaten van de lagere school dat hij kunstenaar wilde worden. Hij is grotendeels autodidact, die telkens korte tijd in de leer is in de de ateliers van ter stede bekende kunstenaars en de open klassen van de Kunstacademie. In 1947, op 17 jarige leeftijd, wint hij een tweede prijs op het jaarlijkse concours van de studentenvereniging van deze Academie. Deze prijs vormt het begin van zijn succesvolle loopbaan als beeldend kunstenaar.

Via een documentaire, die in een zijzaaltje wordt vertoond, maak ik in een kennis met Chab. Hij verklaart tot geen enkele stroming te behoren en een jaar of tien geleden uit nieuwsgierigheid met het schilderen van (vrouwelijke) naakten te zijn begonnen. "Dat had ik al meer dan 40 jaar niet meer gedaan en ik wist niet eens of ik het nog kon" zo verklaart hij een beetje vals bescheiden. De grote schilderijen in de hal ernaast bewijzen het tegendeel. Daar hangt een representatieve selectie van het werk van Chab uit de afgelopen 55 jaar. De overeenkomsten tussen zijn vroegste en zijn meest recente werk liggen wat mij betreft voor de hand, het waren en zijn mysterieus-figuratieve doeken.
De schilderijen van de afgelopen vijf jaar zijn bijzonder boeiend. Compositie, vorm en kleur, maar vooral de erotiek en het mysterie in het werk spreken me aan. Chab´s vrouwen zijn, hoewel soms ietwat abstract, mooi rond en sensueel met op hun lichaam alleen van zeer dichtbij te lezen getatoueerde geheime boodschappen.

Tot mijn verassing steekt Victor Chab in het gezelschap van een vrouw de oude dansvloer over. Druk gebarend en aanwijzingen gevend, maar ook met veel tijd voor de mensen die hem aanspreken. Ik heb net zijn oeuvrecatalogus gekocht en zou die graag door Chab laten signeren, dus stel ik mijzelf voor. "Nederland, daar was ik vorig jaar nog, in Rotterdam voor de grote Jeroen Boschtentoonstelling." We hebben contact. Ik begeef me een beetje op glad ijs als hem zeg dat zijn werk me verwant lijkt met dat van Bosch. Het mysterieuze, het spelen met vormen en de mensen met vogelachtige hoofden. "Meen je dat echt?" vraagt hij verrast. Natuurlijk meen ik dat echt!
Victor stelt mij voor aan zijn vrouw Gladys en signeert de catalogus. We praten over zijn werk en ik vraag hem waarom zijn recente doeken zo precies gedateerd zijn. "Dat is een eerbewijs aan Picasso" doceert Chab "die zette zelfs het uur dat hij ermee klaar was op zijn werk!" Hij geeft me zijn kaartje en nodigt me uit om zijn atelier te bezoeken. "Kunnen we een foto maken?" Gladys wordt ingeschakeld om de camera te bedienen. "Waar wil je?" Op die vraag ben ik voorbereid "bij Carnaval veneciano" dat ik een erg erotisch en intrigerend doek vind. We maken foto's en omhelzen elkaar ten afscheid, er wachten nog meer mensen. Hoewel het nog winter is in Buenos Aires, verlang ik bij het verlaten van het Palais de Glace, net als destijds in het patinoire van Abidjan, meer naar ijskoud bier dan naar koek en zopie.


© Jacques de Rhoter


© foto Jacques de Rhoter

Printversie

  meer over Argentijnse Kunst
  Festival van het licht
  Pedro Figari
  Schilders van de arbeid
  De bijl erin
  Kunst uit de petoet
  Grachtengordel
  Streepjeskode
  Het circus van Madame Justine
  Gallery Nights
  Fiesta Urbana
  Kunstbloemen
  Een heel andere Ferrari
  Kunst of een kunstje?
  Huisvlijt
  Provinciaals
  Over Borges, Cortázar en ....
  Mosterd
  Pipo Koeie!
  Slaapkamerkunst
  Toren van Babel
  Vliegende boeken
  Het oog van de meester
  Salonfähig?